Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DEVOOYS117 - VELE EXEMPELEN UIT BRUSSELSE HANDSCHRIFTEN XVI Hoe quaet dat dansen is

Een exempel (boek), (foutieve datum)

Hoofdtekst

Men leest een vervaerlic exempel van enen wive, die alle heilighe daghe den danse plach op te houden, dat op een / tijt doe si den danse leide, sloech een ionc man den bal mit enen kolf, ende sloech desen danster in haer hoeft, dat si daer stierf. Hoer vrienden droeghen den onsalighe lichaem thuus, ende leident opter baren. Des nachtes, doemen daer bi waecte, quam daer een alte swarten [s]tier, ja, die bose gheest in eens stiers ghelijc, ende werp dat lichaem vander baren ende schoerdent te sticken. Die darmen verstroeyde hi over thuus. Die menschen worden vervaert ende vloghen van daer. Des morghens was daer grote stanc, ende die darmen worden nauwelic vergadert, ende onder die aerde bedobbet.

Beschrijving

Een vrouw die op alle heilige dagen danste, vindt op een dag de dood door een ongeluk met een bal. Haar lichaam wordt nadat het is opgebaard, door een zwarte stier van de baar gehaald en in stukken gescheurd. Haar darmen verstrooit hij over het huis. De mensen werden bang en weken weg van het huis. De volgende dag is er een grote stank en de darmen worden met grote moeite verzameld en begraven.

Bron

De Vooys, C.G.N., Middelnederlandse stichtelijke exempelen, Zwolle, 1953 pagina 102-103

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20