Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DEVOOYS123 - VELE EXEMPELEN UIT BRUSSELSE HANDSCHRIFTEN XXVI

Een exempel (boek), (foutieve datum)

Hoofdtekst

Exempel. Eyn exempel van eynen armen vrouken, die gode seer devote was, die dus gheynen tijt in alle der weken ter kerken comen en mochte dan des saterdaichs nae der noenen, als haer man van sijnen werke quam, overmids hare kindere, want sij cleyne waren. Ende die wijle wachtede haer man die kindere. Ende des sondaichs soe ghinck hij in der kerken. Ende doen dit devote vrouken aldus deckwijle quam inder kerken, ende doen sij knyelde voer dat heilighe cruce, dat int midden der kerken stont, soe sach eyn rijck man die daer verre aff stont in deynde vander kerken, dat daer knyelde eyn arme vroukijn mit quaden cleyderen aen, dat vanden cruce neder quamen voele inghelen ende namen elck een scone roese vut haren monde, ende maecten den cruce eynen rosen hoet. Ende als die hoet volmaict was, soe neychde hoem dat gebenediede cruce mitten houfde nederwart, ende dancte haer. Ende mit then soe stontse op, ende ghinck knyelen voer dat bielde der moeder gods. Ende dat kint quam vut haren armen ende nam die roosen vut haren monde, ende maicte sijnre moeder eynen hoet, ende satten op haer houft. Ende die moeder dancte haer. Ende dat vrouken stont opp ende woude vuter kerken gaen. Mittien soe quam die rike man tot haer, die dit bij graciën van gode ghesien hadde, ende vraichde haer wat sij inder kerken gedaen hadde. Sij andwoerde ende seide te hem: ,,Ich hebbe mijn gebet gesproken, dat ich alle die weke soude gebeet hebben, want ich{s] nyet eer van moeten en was, overmids mijnre kinder wile, die cleyn sijn, die ich thuys hebbe. Ende mijn man sall morghen comen, ende daer omme en moeghen wij beyde nyet van huys". Doen vraichde die rijke man, wat haer gebet waer, dat sij plage te seggen voer theilige cruce. Sij seide: ,,Ich segghe LXXII pater noster den LXXII wonden die in sijn gebenediede houft gesteken waren mitter doernen cronen, overmits des wile dat icht hoem eyns geloefden inder pijnen die ich hadde vanden hoeft sweer, ende sint dat icht dede, soe en hadde ich noyt meer houft sweer. Ende als ich van danne gaen, soe gae ich voer dat bielde van onser liever vrouwen, ende segge voer haer XV pater noster ende XV ave mariën, ter werdicheit dat sij XV trappen op ghinck, doense haer vader ende haer moeder over gaven ter eeren gods inden tempel, overmids dat ich nommermeer van kinde sterven en moet, ende ich en moet mijnen kerckganck voldoen. Ende sent dat icht dede, soe dochte mij dat ich sonder vrese was, ende ben gesont gecomen inder kerken". Doen sprack die rijke man: ,,O salich vroukijn, gheeft mich doch eyne rose vut uwen monde, soe sail ich arme sondaer gesalicht sijn". Doe seide sij: ,,Ich en hebbe egheyne roesen, want het is nu inden wynter". Doen seide hij: ,,Spreect eynen ave maria ende gheeft mich dien. Ich sail di half mijn guet gheven". Ende sij knyelde neder voer dat beelde der moeder gods, ende seide ynnichlick eynen ave maria. Ende toe hant quam vut haren monde eyne rose, ende sij waertse siende ende waert seer verblijdt, want sij en hadder noch noyt gesien. Ende sij nam die roese, ende gaff sij den rijken manne. Ende toe hant soe wart geneesen die rijke man van sijnre siecten, want hij hadde gequolen XXVIII iaer vanden overganck. Ende dese selve roese is noch huyden daichs in eyne stat die heyt marciliën, een provinchie in sinte victoers clooster. Ende dese man ende dat vrouken eynden haer leven in eyn salich eynde, ende quamen totter ewicheit hier boven, daer die inghelen gode loven inder ewicheit. Amen.

Beschrijving

Een arme vrouw kan slechts zaterdagmiddag naar de kerk, want alle andere dagen moet zij op haar kinderen passen. Een rijk man ziet haar op een dag gebeden uitspreken bij een kruis. Uit haar mond komen rozen waar engelen een krans van maken waar het Kruis voor bedankt. Ze knielt ook bij een Mariabeeld. Uit haar mond komen wederom rozen, waarmee het kindje Jezus kransen maakt voor op het hoofd van Zijn moeder. Het beeld bedankt haar. De rijke man vraagt de vrouw, zodra zij de kerk weer wil verlaten, wat zij gedaan heeft. De vrouw antwoord dat zij alle gebeden van de hele week opzegt, omdat zij alleen vandaag in de kerk kan komen: 72 x Pater Noster bij het kruis, vanwege de 72 wonden die de doornenkronen in het hoofd van Jezus hebben gemaakt. Sinds ze dat doet, heeft zij nooit meer hoofdpijn. Bij het Mariabeeld bidt zij 15 x Pater Noster en 15 x Ave Maria.
De man vraagt haar om hem een roos te geven. De vrouw zegt hierop dat het winter is. De man vraagt haar weer Ave Maria te bidden. Ze bidt weer en geeft de roos die uit haar mond komt (en die zij dan pas voor het eerst zelf ziet) aan de rijke man. Spontaan is hij van zijn ziekten genezen. De man en de vrouw bereiken beide de eeuwige zaligheid. De roos wordt nog altijd bewaard in de stad van Sint Marcilia.

Bron

De Vooys, C.G.N., Middelnederlandse stichtelijke exempelen, Zwolle, 1953 pagina 106-108

Commentaar

Zie ook de volgende legende: STSAG287. Over Maria en rozen

Naam Overig in Tekst

Maria    Maria   

Jezus    Jezus   

God    God   

Onze Vader    Onze Vader   

Ave Maria    Ave Maria   

Wees Gegroet    Wees Gegroet   

Sint Marcilia    Sint Marcilia   

Sint Victorklooster    Sint Victorklooster   

Naam Locatie in Tekst

Pater Noster    Pater Noster   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20