Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KEMP112 - Duivelssagen: De deurwaarder en de duivel

Een sage (boek), 1925

Hoofdtekst

DE DEURWAARDER EN DE DUIVEL.
(Neeritter).

Een deurwaarder ging eens uit om te manen. Onderweg ontmoette hij den duivel. De beide reizigers, onwelkome gasten hij de menschen, knoopten een gesprek aan over het doel van hun reis. De duivel vertelde al gauw, net of de deurwaarder dat niet wist, dat hij er op uit was om zielen te ,,winnen" en de deurwaarder, die het er altijd op aanlegde om leering te vinden, vroeg den duivel op wat manier hij een ziel kon en mocht vangen.
Dat zal ik je eens gauw vertellen", begon de duivel, ,,als een kind niest en daar wordt niet gezegd: ,,God zegene u", dan heb ik macht over dat kind, tenzij dat het 's morgens wijwater heeft gehad, in welk geval ik machteloos ben. Als er ergens in huis wordt gevloekt of verwenscht, dan heb ik macht zoowel over den vloeker als over den vervloekte en kan ik beiden meenemen op staanden voet. Maar -dit voegde de duivel er nadrukkelijk bij- maar, het moet gemeend, werkelijk gemeend zijn." "Zoo", zei de deurwaarder, ,,luister je dan soms opzettelijk aan deuren en vensters?" "Dat heb ik over bet algemeen niet noodig. Waar ik geroepen word, al is het nog zoo ver, daar ben ik dadelijk bij de hand." "Kom," verzocht de deurwaarder, toen beiden al pratend het dorp genaderd waren, waar de deurwaarder zijn aanmaning moest doen. Uit de naastbijzijnde herberg klonk juist getier van twistenden. "Kom, laten wij hier eens even luisteren aan bet raam. Hoor eens! Daar vloekt er een, pak hem! En die andere verwenscht iemand maar zoo naar de hel! Pak ze bij den kraag! Pak ze!"
"Neen," antwoordde de duivel, "dat weet je ook wel, dat dat niet gemeend is. Zulke dingen hoor ik dagelijks. Dat gaat zoo maar in de drukte van het gesprek door, zonder dat de menschen eigenlijk weten, wat ze zeggen en werkelijk, ze meenen er niets van. Ik heb je immers gezegd, als het niet degelijk gemeend is, heb ik geen macht."
Een eind verder passeerde het tweetal een huis, waar de vrouw buiten voor de deur zat en bezig was met het schillen van aardappelen, terwiji een klein kind zich amuseerde met de geschilde aardappelen in den ketel te plonsen. Doordat een druppel water toevallig tegen zijn neusje spatte, nieste de kleine en.. . de moeder sprak geen "stom" woord. "Pak hem!" hitste de deurwaarder, die maar graag een staaltje van de nacht van den duivel had gezien.
"Ik kan niet", antwoordde de duivel, "het kind heeft vanmorgen wijwater gehad." Eindelijk waren zij dan gekomen bij het huis, waar de deurwaarder moest gaan manen. Men kan zich wel voorstellen, hoe gaarne men hem in zulke omstandigheden ziet komen. De bewoner had hem dan ook al uit de verte zien naderen en toen de deurwaarder den duivel wilde voorgaan om het huis binnen te treden, hoorden hij en zijn onguren gezel duidelijk, dat de man tegen zijn vrouw zei: Daar komt me die vervloekte deurwaarder al wéér aan; ik wou, dat de duivel hem op staanden voet meenam naar de hel "Dat is gemeend", schreeuwde de duivel nu, greep den onthutsten deurwaarde beet- en beiden verdwenen.
Of er sedert dien tijd nooit weer een deurwaarder is verschenen te Neeritter, is niet bekend, maar wel, dat de uitdrukking aan dit vertelsel ontleent daar nog altijd voortleeft:
"'t Is gemeend", zei de duivel en hij nam den deurwaarder mee.

Onderwerp

AT 1186 - With his Whole Heart    AT 1186 - With his Whole Heart   

ATU 1186 - The Devil and the Lawyer    ATU 1186 - The Devil and the Lawyer   

Beschrijving

Een deurwaarder en de duivel -beide geen welkome gasten bij de mensen- komen elkaar tegen in Neeritter. De deurwaarder wil weten hoe de duivel te werk gaat. De duivel vertelt dat hij een kind dat niest mag meenemen, tenzij het kind 's ochtends wijwater heeft gehad. En als iemand vloekt, mag hij de vloeker en de vervloekte meenemen, mits het gemeend is. De deurwaarder wil de duivel graag aan het werk zien en gaat met hem mee. Maar bij het eerste huis, een herberg, wordt weliswaar gevloekt, maar dat is niet gemeend. Bij het tweede huis niest het kind, zonder dat de moeder 'God zegen je' zegt. Maar het kind had 's ochtends wijwater gehad, dus de duivel staat wederom machteloos. Bij het derde huis moet de deurwaarder zelf gaan manen. De bewoner ziet de gevreesde bezoeker aankomen en hij vervloekt deze ogenblikkelijk. Dit is wel gemeend en de duivel neemt de deurwaarder ter plekke mee. Nog altijd wordt in Neeritter de uitdrukking gebruikt:
"'t Is gemeend", zei de duivel en hij nam de deurwaarder mee.

Bron

Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925

Commentaar

1925
Dit verhaal is te vinden in het hoofdstuk 'Duivelssagen'.
With his Whole Heart

Naam Overig in Tekst

Duivel    Duivel   

Naam Locatie in Tekst

Neeritter    Neeritter   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20