Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KEMP227 - Van heksen en maren: Door heg en struik

Een sage (boek), 1925

Hoofdtekst

Door heg en struik

Een jonkman uit Gulpen had verkering met een meisje uit de omstreken. Dat meisje had de naam een heks te zijn. Zijn moeder waarschuwde hem voor haar. Maar hij kon het meisje moeilijk laten.
Om zich toch eens te overtuigen ging hij weer eens een dag naar zijn meisje, stelde zich aan als een beschonkene en liep waggelend over de weg naar haar huis. Daar lalde hij allerlei onzin en dronkemanspraat uit, ging aan de haard zitten, liet stilaan het hoofd over de borst zinken en begon te snorken.
Nadat zijn meisje en haar moeder zich door te roepen en lawaai te maken ervan hadden overtuigd dat hij vast sliep, namen zij uit de schoorsteen een pot met zalf en smeerden zich daarmee in.
'Wij zullen wel terug zijn, eer hij wakker wordt!' meende de dochter. Nadat zij zich hadden ingesmeerd, riepen zij: 'Over heg en struik, naar de pastoor zijn wijnkelder!' en dadelijk vlogen zij 't raam uit.
Na een poosje kwamen zij teruggevlogen, beladen met flessen wijn, gebraad en lekkernijen.
De jonkman was intussen werkelijk in slaap gevallen en toen hij 's morgens ontwaakte, zetten moeder en dochter hem een lekker maal voor. Daarna ging hij naar huis.
Hij wist nu genoeg, maar zweeg en kwam nog als gewoonlijk bij zijn meisje thuis.
Een paar weken later herhaalde hij de komedie die hij had gespeeld en viel schijnbaar weer in slaap bij de haard. Ook ditmaal smeerden moeder en dochter zich weer in met de zalf en vlogen weer uit.
Toen zij weg waren, nam de jonkman ook de pot en zalfde zich ook. In plaats van te zeggen: 'Over heg en struik!' (hij had het niet goed afgeluisterd) zei hij: 'Door heg en struik, naar pastoors wijnkelder!' Dadelijk voelde hij zich vliegen, het raam uit, maar toen ging het inderdaad door heg en struik. Dat bezorgde hem bloedende schrammen in het gelaat en scheurde hem de kleren in flarden. Zo kwam hij in de wijnkelder van de pastoor aan. Hij kon het goede woord maar niet vinden en nu ging het hem op de terugreis weer evenzo.
Toen moeder en dochter later terugkeerden van haar tocht, vonden zij hem bebloed in de keuken liggen. Zij vroegen hem wat er was gebeurd.
'Och, God,' klaagde hij. 'Ik heb mij ingesmeerd!'
'Dan heb je het verkeerd gedaan!' verried zich de dochter.
'Goedenacht,' zeide de jonkman. Hij was nu overtuigd genoeg dat hij met een heks te doen had en hij kwam niet weer.
Gedurende de veertien dagen die zijn genezing vorderde, durfde hij zich niet te laten zien, zo was hij toegetakeld.

Onderwerp

SINSAG 0511 - Über Weg und Steg    SINSAG 0511 - Über Weg und Steg   

Beschrijving

Een jongeman komt er achter dat zijn meisje een heks is. Hij probeert een kunst uit om ook te vliegen en lekkernijen uit de wijnkelder van de pastoor te stelen. Helaas zegt hij de spreuk verkeerd en raakt gewond.

Bron

Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925.
Herdruk: ca. 1970

Commentaar

1925 (Herdruk ca. 1970)
Dit verhaal is te vinden in het hoofdstuk 'Van heksen en maren'.
Über Weg und Steg

Naam Locatie in Tekst

Gulpen    Gulpen   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20