Hoofdtekst
De spookmis
De meid van de pastoor der Sint-Matthiasparochie te Maastricht zag alle nachten de ramen van de kerk verlicht. Zij durfde er niets over zeggen aan mijnheer pastoor, maar toen zij op zekere keer bij hem ging biechten, vertelde zij het hem.
De pastoor besloot zich de volgende nacht in de kerk te verbergen. Hij nam plaats in de biechtstoel, van waaruit hij de hele kerk zoveel mogelijk kon overzien. Juist te middernacht zag hij de deur van de sacristie opengaan. Er trad een priester uit, die hij nog nooit gezien had. Die priester begaf zich naar het hoogaltaar en begon een mis te lezen. Alles ging goed tot aan het Epistel. Toen kon hij, naar het scheen, niet meer verder en verliet hij de kerk weer langs dezelfde weg, als hij er was gekomen.
De pastoor dacht er de hele volgende dag over na, wat er toch wel aan gehaperd mocht hebben, dat die geheimzinnige priester niet voortging de mis te eindigen, die hij was begonnen.
Hij nam zich voor, de komende nacht weer vanuit de biechtstoel het doen en laten van die geest te bespieden.
Die nacht was hij weer op zijn post. De deur van de sacristie ging open, de priester trad weer de kerk binnen en begon zijn mis als de nacht te voren.
Toen hij het Epistel begon, verliet de pastoor zijn biechtstoel, begaf zich naar het altaar en droeg het misboek naar de Evangeliezijde, nadat de priester het Epistel had gelezen. Vervolgens diende hij hem de hele mis tot het einde. Nadat de geest zijn mis geëindigd had, keerde hij zich tot de pastoor en zeide:
'Ik dank u en zal voor u bidden, want nu ben ik verlost. Door schuldige nalatigheid had ik iets in de mis vergeten en daarom moest ik terugkeren, om dat te herstellen. Ik kon de mis nimmer voleindigen, omdat ik geen helper had. Gij hebt mij deze dienst bewezen; ik zal veel voor u bidden.'
Na dit te hebben gezegd, verdween de priester. De pastoor stierf echter al een half jaar later, zo had de priester voor hem gebeden.
De meid van de pastoor der Sint-Matthiasparochie te Maastricht zag alle nachten de ramen van de kerk verlicht. Zij durfde er niets over zeggen aan mijnheer pastoor, maar toen zij op zekere keer bij hem ging biechten, vertelde zij het hem.
De pastoor besloot zich de volgende nacht in de kerk te verbergen. Hij nam plaats in de biechtstoel, van waaruit hij de hele kerk zoveel mogelijk kon overzien. Juist te middernacht zag hij de deur van de sacristie opengaan. Er trad een priester uit, die hij nog nooit gezien had. Die priester begaf zich naar het hoogaltaar en begon een mis te lezen. Alles ging goed tot aan het Epistel. Toen kon hij, naar het scheen, niet meer verder en verliet hij de kerk weer langs dezelfde weg, als hij er was gekomen.
De pastoor dacht er de hele volgende dag over na, wat er toch wel aan gehaperd mocht hebben, dat die geheimzinnige priester niet voortging de mis te eindigen, die hij was begonnen.
Hij nam zich voor, de komende nacht weer vanuit de biechtstoel het doen en laten van die geest te bespieden.
Die nacht was hij weer op zijn post. De deur van de sacristie ging open, de priester trad weer de kerk binnen en begon zijn mis als de nacht te voren.
Toen hij het Epistel begon, verliet de pastoor zijn biechtstoel, begaf zich naar het altaar en droeg het misboek naar de Evangeliezijde, nadat de priester het Epistel had gelezen. Vervolgens diende hij hem de hele mis tot het einde. Nadat de geest zijn mis geëindigd had, keerde hij zich tot de pastoor en zeide:
'Ik dank u en zal voor u bidden, want nu ben ik verlost. Door schuldige nalatigheid had ik iets in de mis vergeten en daarom moest ik terugkeren, om dat te herstellen. Ik kon de mis nimmer voleindigen, omdat ik geen helper had. Gij hebt mij deze dienst bewezen; ik zal veel voor u bidden.'
Na dit te hebben gezegd, verdween de priester. De pastoor stierf echter al een half jaar later, zo had de priester voor hem gebeden.
Onderwerp
SINSAG 0402 - Die versäumte Wallfahrt (Messe, Gabe)   
Beschrijving
Een overleden priester spookt 's nachts nog in de kerk. Hij leest elke nacht de mis nog voor, maar stopt bij het Epistel, omdat hij niet verder kan. De pastoor van de kerk komt erachter en helpt op een nacht de spookpriester met het afmaken van de mis. De priester bedankt hem hiervoor: tijdens zijn leven was hij nalatig geweest tijden de mis, daarom kon hij na zijn dood geen rust vinden, maar nu is hij verlost.
De priester bidt zo hevig voor het heil van de pastoor, dat deze na een halfjaar al overlijdt.
De priester bidt zo hevig voor het heil van de pastoor, dat deze na een halfjaar al overlijdt.
Bron
Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925.
Herdruk: ca. 1970
Herdruk: ca. 1970
Commentaar
1925 (Herdruk ca. 1970)
Dit verhaal is te vinden in het hoofdstuk 'Van verzuimde bedevaarten en ongeldige missen.'
Die versäumte Wallfahrt (Messe, Gabe)
Naam Overig in Tekst
Sint-Matthiasparochie   
Epistel   
Evangeliezijde   
Naam Locatie in Tekst
Maastricht   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
