Hoofdtekst
Kometen.
In de jaren 394 en 396 zag men in de lucht vurige spiesen, draken en pauwenstaarten. De aarde werd geschokt door aardbevingen en de wolven liepen door de dorpen en de steden en verscheurden menschen en vee. Anno 999 zag het beangste volk hoog in de lucht een schrikkelijk vuurspuwende komeet, die, naar men meende, het einde der wereld en de komst van het duizendjarig rijk aankondigde en, al kwam dat niet, er volgde toch "swaere pestilentie ende groten hongersnood".
Een andere komeet, die ook grooten schrik verspreidde, was die van 1088 die ons beschreven wordt als "eene vervaerlijke waensterre, hebbende de gedaente van een vierige Draek, uyt wiens muylen alom schichten schoten." Zij was een voorbode voor de pest.
In het jaar 1264 verscheen weer een "grouwsaeme waensterre", drie achtereenvolgende maanden lang. Ze verdween in denzelfden nacht, dat paus Urbanus stierf.
Een groote komeet vertoonde zich in 1316. "Daer volchde eenen grooten ende lastighe dieren tijdt nae en de groote pestilentie, soo datter veel menschen van hongher storven." de hongersnood en de dure tijd hielden twee jaar aan.
Bij den dood van Karel V in 1555 vertoonde zich, evenals in 't jaar dat Karel de Groote stierf, een staartster.
De komeet van 1572, de allerschoonste en schitterendste sedert de ster der Drie Koningen, die de geboorte van het Christuskind aankondigde, zat van November af aan den hemel en scheen vijftien maanden lang. Ze was, zei Clarius, door God in den achtsten hemel geschapen om wat groots te profeteeren. Maar het was al ellende, die zij in haar gevolg had: dure tijd, oorlog, pest en ketterij.
De vurige staart van de komeet scheen onzen voorouders "de roede van God", een roede, waarmee het volk voor zijn zonden getuchtigd werd. Was hij naar beneden gericht, dan beduidde dat groote sterfte onder de menschen, tengevolge van misgewas en hongersnood; horizontaal beteekende het storm en overstrooming; en opwaarts oorlog en pest.
Dit geloof aan de straffe Gods verdween niet met de Middeleeuwen. Luther bijv. verwierp de meening der ongeloovigen, dat een komeet uit natuurlijke oorzaken zou ontstaan. God schiep er geen, leerde hij, dan om met zekerheid rampen aan te kondigen.
In de jaren 394 en 396 zag men in de lucht vurige spiesen, draken en pauwenstaarten. De aarde werd geschokt door aardbevingen en de wolven liepen door de dorpen en de steden en verscheurden menschen en vee. Anno 999 zag het beangste volk hoog in de lucht een schrikkelijk vuurspuwende komeet, die, naar men meende, het einde der wereld en de komst van het duizendjarig rijk aankondigde en, al kwam dat niet, er volgde toch "swaere pestilentie ende groten hongersnood".
Een andere komeet, die ook grooten schrik verspreidde, was die van 1088 die ons beschreven wordt als "eene vervaerlijke waensterre, hebbende de gedaente van een vierige Draek, uyt wiens muylen alom schichten schoten." Zij was een voorbode voor de pest.
In het jaar 1264 verscheen weer een "grouwsaeme waensterre", drie achtereenvolgende maanden lang. Ze verdween in denzelfden nacht, dat paus Urbanus stierf.
Een groote komeet vertoonde zich in 1316. "Daer volchde eenen grooten ende lastighe dieren tijdt nae en de groote pestilentie, soo datter veel menschen van hongher storven." de hongersnood en de dure tijd hielden twee jaar aan.
Bij den dood van Karel V in 1555 vertoonde zich, evenals in 't jaar dat Karel de Groote stierf, een staartster.
De komeet van 1572, de allerschoonste en schitterendste sedert de ster der Drie Koningen, die de geboorte van het Christuskind aankondigde, zat van November af aan den hemel en scheen vijftien maanden lang. Ze was, zei Clarius, door God in den achtsten hemel geschapen om wat groots te profeteeren. Maar het was al ellende, die zij in haar gevolg had: dure tijd, oorlog, pest en ketterij.
De vurige staart van de komeet scheen onzen voorouders "de roede van God", een roede, waarmee het volk voor zijn zonden getuchtigd werd. Was hij naar beneden gericht, dan beduidde dat groote sterfte onder de menschen, tengevolge van misgewas en hongersnood; horizontaal beteekende het storm en overstrooming; en opwaarts oorlog en pest.
Dit geloof aan de straffe Gods verdween niet met de Middeleeuwen. Luther bijv. verwierp de meening der ongeloovigen, dat een komeet uit natuurlijke oorzaken zou ontstaan. God schiep er geen, leerde hij, dan om met zekerheid rampen aan te kondigen.
Onderwerp
SINSAG 0487 - Vorbedeutung anderer Ereignisse.   
Beschrijving
Voorbeelden van kometen die gezien werden als voorteken van rampen.
Bron
Utrechtsch Sagenboek/ J. R. W. Sinninghe. - Zutphen: W.J. Thieme & Cie (1938), p.43-44
Commentaar
1938
Valt onder hoofdstuk en titel(s): 5. Teekenen in de Lucht. Bronnen: Naast de Kronieken van J.de Beka, Jan Veldenaer, de Klerk uit de lage landen, van Gouthoeven's oude Chronijcke ende Historien van Hollant en de Chronycke van Vlaanderen, noemen wij Goulart, pag. 51 en Jaarb. Historisch. Genootschap 1898, blz.40.
Vorbedeutung anderer Ereignisse.
Naam Overig in Tekst
Urbanus   
Karel V   
Karel de Groote   
Christuskind   
Clarius   
God   
Luther   
Naam Locatie in Tekst
Drie Koningen   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
