Hoofdtekst
Legenden. 1. Marialegenden. Bron: Kronenburg, Maria's Heerlijkheid, V 392 vlg.
In den avent van het jaar 1444 trok een jong meisje van Nijkerk naar Amersfoort. Zij heette Geertgen Arends en wilde in het Agnietenklooster binnen de stad treden. Onderweg dacht zij telkens wat zij doen zou met "dat kleyn, simpel beelken van Ons Lieve Vrouwen", dat zij in haar tasch droeg. Toen zij bij de Kamppoort kwam, meende zij toch dat 't schande was zoo'n "simpel en snood beeldeken" in het klooster te brengen en de zusters te laten zien en met "onbedagtsaamheyd" wierp zij het in de stadsgracht en dacht er niet meer aan. Maar
Maria, Coninginne, des hemels croen,
Woude groet wonder, mirakelen doen,
In Amersfoort....
In 't zelfde jaar omtrent Kerstmis werd een vrome vrouw, Margriete Albert Gijsendochter geheeten, tot driemaal toe door God vermaand, om haastiglijk buiten de stadspoort naar de gracht te gaan, waar het water bevroren was. Onder het ijs verborgen, zou zij daar een beeld vinden van Onze Lieve Vrouw, dat niet wegdreef met den stroom noch ten gronde zonk, maar roerloos en stil in het vlietende water lag. Margriete vertelde dit aan haar meester, Jan Huberts, de verver, die in het laatste huis aan de Kamppoort woonde en vroeg hem om raad.
De meester lachte er mee en zeide: "het is een droom," en hij verbood haar er verder van te spreken. Maar toen zij voor de derde maal vermaand werd, durfde zij niet langer marren. Zij is opgestaan en is naar de gracht geloopen, en op de plaats waar later Onze-Lieve-Vrouwenputte was, heeft zij het beeld gevonden, dat zoo klein was als de voet van een kind. Dit geschiedde op Zaterdag 19 December. Eerbiedig nam zij het beeldje uit het water en droeg het naar haar meester:
"Siet nu, broetheer, neempt des groem, *)
Nu merkt men wel, ten is geen droem,
Hebt nu geen spot, maar gelovet sterck."
Die broetheer aensach dit wonderwerck
Mit vreese, mit lieften; al sonder verlet
Hebben sy dat beeldt op die spynde gesedt.
's Avonds staken ze er een kaars bij aan en zagen met verbazing, dat het vet in de vlam niet verteerde en dat deze kaars driemaal langer bleef branden dan een gewone. Een paar dagen later is Margriete naar pater Joannes van Schoonhoven gegaan en heeft hem alles verteld. De pater vroeg haar toen dringend om het beeld naar zijn huis te laten brengen. Dat geschiedde 's nachts en daags daarop zijn er vele mirakelen gebeurd; daarover sprak de pater met zooveel overtuiging, dat de leden van het broederschap der Mariakapel besloten het beeld in hun kapel te plaatsen. Dit geschiedde op Sint Stevensdag (26 December).
Toen de non Geertgen Arends hoorde, dat er in de kapel een klein Mariabeeldje werd vereerd, dat bij de Kamperpoort in het water was gevonden, is zij er naartoe gegaan en heeft voor al het volk ootmoedig beleden dat 't hetzelfde beeldje was, dat zij onberaden had weggeworpen.
*) Broodheer (meester), sla hierop acht.
Onderwerp
SINLEG 0083 - Das Bild wird unterm Eis gefunden.   
Beschrijving
Bron
Naam Overig in Tekst
Geertgen Arends   
Agnietenklooster   
Ons Lieve Vrouw   
Kamppoort   
Maria   
Margriete Albert Gijsendochter   
Jan Huberts   
Onze-Lieve-Vrouwenputte   
Joannes van Schoonhoven   
Mariakapel   
Sint Stevensdag   
Kerstmis   
God   
Naam Locatie in Tekst
Amersfoort   
Nijkerk   
Plaats van Handelen
Amersfoort   
