Hoofdtekst
[00:02:25]
AV: Maar ehm... ja, van, vandaag [onverstaanbaar] is de oudste mop. Hij is geschreven in een eh... legende over de heilige Sint Servaas. Spreekt mij aan, ik heb vier jaar in Maastricht gewoond. [Onverstaanbaar; Ik zeg;] Nou [da's?] echt zo'n Sint Servaasstad, hè, met de Grote eh Kerk natuurlijk en de Sint Servaasbron en, van alles. Nou door Hendric van Veldeke, nou dat is ook. Ja, Maastricht [onverstaanbaar] daar is een stukje uit [onverstaanbaar], ....de keizer, op een gegeven moment goudsmeden de opdracht gaf om een gouden beeld van de heilige Servaas te maken, die toen net gestorven was. Nou, deze mannen gingen aan de gang. Ze kregen echt alle materialen die ze nodig hadden; prachtig goud hadden ze en edelsteen, van alles. En ze deden zo hun best en het werd zo'n mooi beeld. 't Enige waar ze geen verandering in kregen dat waren de ogen. Het ene oog stond naar boven en 't andere naar beneden en w-wat ze ook deden met die edelstenen, 't bleef zo. En de keizer zag het en ' ie had zoiets 'Ja, maar dit kan niet. Een heilige die scheel kijkt, dat is heiligschennis. Die ogen moeten goed en anders gaan jullie eh de kerkers in.' En het lukte ze niet om [onverstaanbaar]. Kijk, dus de edelsmeden verdwenen in de kerkers. Ze wisten ook niet hoe 't anders moest. En op een dag kwam Sint Servaas deze goudedelsmeden te hulp. Want hij liet de keizer, hij verscheen in een droom van de keizer. De keizer droomde dat Servaas naar 'm toekwam en zei 'Kijk mij nou es heel diep in m'n ogen.' En 't lukte de keizer werkelijkwaar niet. Of hij concentreerde zich op het oog wat naar boven stond of op het oog wat naar beneden ging. Want Sint Servaas was gewoon zo scheel als [onverstaanbaar] en hij zei tegen de keizer: 'Laat nou niet onschuldige mensen boeten. voor dat lichamelijk gebrek wat ik tijdens m'n leven had.' En meteen zijn natuurlijk de edelsmeden d'ruit gehaald, uit de kerkers. Ze zijn heel veel, zoals ze dat nu zouden doen, eh hoe heet dat ook alweer, zo geweldig dat je dan eh.....?
MG: Excuses maken?
AV: Ja, nou dat niet alleen, maar... [Allerlei mensen praten door elkaar] Schadevergoeding heet dat ja.. Hè, hè, moeilijk woord. Ze kregen een enorme schadevergoeding in goud, juwelen en alles. Dus uiteindelijk liep het voor de mannen niet slecht af. En nog steeds is het beeld van Servaas met één oog naar beneden en 't andere omhoog. Nou dat was de oudste mop. Ja, wel lachen, want dan kan ik tegen mijn jongens zeggen dat jullie moesten lachen in ieder geval. Ja. [Applaus].
AV: Maar ehm... ja, van, vandaag [onverstaanbaar] is de oudste mop. Hij is geschreven in een eh... legende over de heilige Sint Servaas. Spreekt mij aan, ik heb vier jaar in Maastricht gewoond. [Onverstaanbaar; Ik zeg;] Nou [da's?] echt zo'n Sint Servaasstad, hè, met de Grote eh Kerk natuurlijk en de Sint Servaasbron en, van alles. Nou door Hendric van Veldeke, nou dat is ook. Ja, Maastricht [onverstaanbaar] daar is een stukje uit [onverstaanbaar], ....de keizer, op een gegeven moment goudsmeden de opdracht gaf om een gouden beeld van de heilige Servaas te maken, die toen net gestorven was. Nou, deze mannen gingen aan de gang. Ze kregen echt alle materialen die ze nodig hadden; prachtig goud hadden ze en edelsteen, van alles. En ze deden zo hun best en het werd zo'n mooi beeld. 't Enige waar ze geen verandering in kregen dat waren de ogen. Het ene oog stond naar boven en 't andere naar beneden en w-wat ze ook deden met die edelstenen, 't bleef zo. En de keizer zag het en ' ie had zoiets 'Ja, maar dit kan niet. Een heilige die scheel kijkt, dat is heiligschennis. Die ogen moeten goed en anders gaan jullie eh de kerkers in.' En het lukte ze niet om [onverstaanbaar]. Kijk, dus de edelsmeden verdwenen in de kerkers. Ze wisten ook niet hoe 't anders moest. En op een dag kwam Sint Servaas deze goudedelsmeden te hulp. Want hij liet de keizer, hij verscheen in een droom van de keizer. De keizer droomde dat Servaas naar 'm toekwam en zei 'Kijk mij nou es heel diep in m'n ogen.' En 't lukte de keizer werkelijkwaar niet. Of hij concentreerde zich op het oog wat naar boven stond of op het oog wat naar beneden ging. Want Sint Servaas was gewoon zo scheel als [onverstaanbaar] en hij zei tegen de keizer: 'Laat nou niet onschuldige mensen boeten. voor dat lichamelijk gebrek wat ik tijdens m'n leven had.' En meteen zijn natuurlijk de edelsmeden d'ruit gehaald, uit de kerkers. Ze zijn heel veel, zoals ze dat nu zouden doen, eh hoe heet dat ook alweer, zo geweldig dat je dan eh.....?
MG: Excuses maken?
AV: Ja, nou dat niet alleen, maar... [Allerlei mensen praten door elkaar] Schadevergoeding heet dat ja.. Hè, hè, moeilijk woord. Ze kregen een enorme schadevergoeding in goud, juwelen en alles. Dus uiteindelijk liep het voor de mannen niet slecht af. En nog steeds is het beeld van Servaas met één oog naar beneden en 't andere omhoog. Nou dat was de oudste mop. Ja, wel lachen, want dan kan ik tegen mijn jongens zeggen dat jullie moesten lachen in ieder geval. Ja. [Applaus].
Beschrijving
In opdracht van de keizer maken goudsmeden een gouden beeld van de heilige Servaas, dat echter scheel blijft kijken. Als de keizer de goudsmeden veroordeelt tot de kerker helpt Sint Servaas. Hij verschijnt in een droom van de keizer en laat zien dat hij ook in werkelijkheid scheel is.
Bron
Letterlijk afschrift van mp3-opname
Commentaar
Wereldverteldag 2009 in Oisterwijk
Naam Overig in Tekst
Wereldverteldag   
Sint Servaas   
Henric van Veldeke   
Sint Servaasbron   
Naam Locatie in Tekst
Oisterwijk   
Maastricht   
Grote Kerk   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
