Hoofdtekst
1.41. Avonturen van een vrijer
Op een anderen nacht zag hij bij helder sterrenlicht een man te paard op hem afkomen, van zoodanige afmeting als hij nog nooit gezien had, welk een en ander hem zoo snel voorbij snorde, dat hij een geluid vernam alsof eene vlucht vogels de lucht kliefde, terwijl de grond dreunde van den hoefslag. De haren rezen den jongeling te berge, doch gelukkig scheen hij ditmaal niet in den weg te zijn van 't gevaarte en kon verder zonder ongeval zIjnen weg vervolgen.
Op een anderen nacht zag hij bij helder sterrenlicht een man te paard op hem afkomen, van zoodanige afmeting als hij nog nooit gezien had, welk een en ander hem zoo snel voorbij snorde, dat hij een geluid vernam alsof eene vlucht vogels de lucht kliefde, terwijl de grond dreunde van den hoefslag. De haren rezen den jongeling te berge, doch gelukkig scheen hij ditmaal niet in den weg te zijn van 't gevaarte en kon verder zonder ongeval zIjnen weg vervolgen.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Jongeman ziet man op groot paard zo snel voorbij gaan dat het lijkt alsof een zwerm vogels door de lucht gaat, terwijl de grond dreunt van hoefgetrappel.
Bron
Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 40
Motief
F401.3.1 - Spirit in form of horse.   
Commentaar
1892
Motief: F401.3.1 Spirit in form of horse (vgl. 2.88).
NA 1892: 604. Bewerking: Sinninghe 1933: 58 (no. 75),1964: 62. LS B101 Wesen in Tiergestalt.
1. Schoolmeester en essayist. Verhalen vanuit Zeelst verzameld Opgetekend, verzameld en in vorm gegoten door Jacques Cuijpers (1850-1926), hoofdonderwijzer te Zeelst. Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883 - okt. 1884), II (okt. 1884 - okt. 1885), en de Noordbrabantsche (Volks-) Almanak (NA), beide onder redactie van August Sassen. Cuijpers was goed bevriend met Sassen. Met hem en anderen placht hij wandelingen door de Noordbrabantse Kempen en de Peel te maken, waarbij onder meer aandacht werd geschonken aan de plaatselijke volkscultuur. De lichte spot die uit zijn verhalen klinkt wijst op een zeker cynisme tegenover het hem vertelde. Tegenover Sassen liet hij meer dan in de verhalen dit duidelijk uitkomen. Zo schreef hij over de verenkrans, die voor velen hét bewijs van hekserij was: 'Ze vullen ze op met wat de lui hebben. Draadjes vindt men allicht in de peluws; deze doen de veren ineen rollen, en 't is geen wonder er een lapje of een strooitje bij te vinden. En al zal zoo'n rommel ook al heel weinig geleken hebben op een krans of een poppetje - de verbeelding zal daar wel alles van kunnen maken, wat bijgeloovige menschen er in zien willen.' (brief aan Sassen, dd. 5 juli 1890, verz. Sassen inv. no. BB26).
Naast volksverhalen verzamelde meester Cuijpers materiaal betreffende allerhande volksgebruiken zoals kinderrijmen, kalendergebruiken, e.a. hetgeen eveneens in de genoemde tijdschriften gepubliceerd werd.
NA 1892: 604. Bewerking: Sinninghe 1933: 58 (no. 75),1964: 62. LS B101 Wesen in Tiergestalt.
1. Schoolmeester en essayist. Verhalen vanuit Zeelst verzameld Opgetekend, verzameld en in vorm gegoten door Jacques Cuijpers (1850-1926), hoofdonderwijzer te Zeelst. Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883 - okt. 1884), II (okt. 1884 - okt. 1885), en de Noordbrabantsche (Volks-) Almanak (NA), beide onder redactie van August Sassen. Cuijpers was goed bevriend met Sassen. Met hem en anderen placht hij wandelingen door de Noordbrabantse Kempen en de Peel te maken, waarbij onder meer aandacht werd geschonken aan de plaatselijke volkscultuur. De lichte spot die uit zijn verhalen klinkt wijst op een zeker cynisme tegenover het hem vertelde. Tegenover Sassen liet hij meer dan in de verhalen dit duidelijk uitkomen. Zo schreef hij over de verenkrans, die voor velen hét bewijs van hekserij was: 'Ze vullen ze op met wat de lui hebben. Draadjes vindt men allicht in de peluws; deze doen de veren ineen rollen, en 't is geen wonder er een lapje of een strooitje bij te vinden. En al zal zoo'n rommel ook al heel weinig geleken hebben op een krans of een poppetje - de verbeelding zal daar wel alles van kunnen maken, wat bijgeloovige menschen er in zien willen.' (brief aan Sassen, dd. 5 juli 1890, verz. Sassen inv. no. BB26).
Naast volksverhalen verzamelde meester Cuijpers materiaal betreffende allerhande volksgebruiken zoals kinderrijmen, kalendergebruiken, e.a. hetgeen eveneens in de genoemde tijdschriften gepubliceerd werd.
Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
