Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0043 - 1.43. Avonturen van een vrijer

Een sage (boek), 1892

Hoofdtekst

1.43.
Een andermaal, 't was helder maanlicht en strenge vorst, werd onze vriend, die niet van de bangste scheen, door een ongeziene hand opgenomen en van den weg in eene sloot geworpen, die gelukkig slechts hol ijs bevatte, zoodat hij, na van schrik en verbazing wat bekomen te zijn, droogvoets kon huiswaarts snellen, echter niet zonder vrees ten tweeden male met harder ijs te moeten kennis maken. Dit laatste geval scheen onzen held een weinig van zijn euvelmoed te hebben genezen, want na dien tijd waagde hij zich niet meer op zulk een uur zonder noodzakelijkheid op den hollen weg.

Onderwerp

SINSAG 0477 - Begegnung mit Geistern.    SINSAG 0477 - Begegnung mit Geistern.   

Beschrijving

Man wordt door een onzichtbare hand opgetild en van de weg op het ijs gegooid. Hoewel hij niet bang is waagt hij zich voortaan niet meer op dat uur op de holle weg.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 40-41

Motief

E272.3 - Ghost frightens people off bridge into stream.    E272.3 - Ghost frightens people off bridge into stream.   

Commentaar

1892
Motief: E272.3 Ghost frightens people off bridge into stream (vgl. 1.40).
NA 1892: 604. Bewerking: Sinninghe 1933: 83 (no. 117), 1964: 82.
1. Schoolmeester en essayist. Verhalen vanuit Zeelst verzameld Opgetekend, verzameld en in vorm gegoten door Jacques Cuijpers (1850-1926), hoofdonderwijzer te Zeelst. Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883 - okt. 1884), II (okt. 1884 - okt. 1885), en de Noordbrabantsche (Volks-) Almanak (NA), beide onder redactie van August Sassen. Cuijpers was goed bevriend met Sassen. Met hem en anderen placht hij wandelingen door de Noordbrabantse Kempen en de Peel te maken, waarbij onder meer aandacht werd geschonken aan de plaatselijke volkscultuur. De lichte spot die uit zijn verhalen klinkt wijst op een zeker cynisme tegenover het hem vertelde. Tegenover Sassen liet hij meer dan in de verhalen dit duidelijk uitkomen. Zo schreef hij over de verenkrans, die voor velen hét bewijs van hekserij was: 'Ze vullen ze op met wat de lui hebben. Draadjes vindt men allicht in de peluws; deze doen de veren ineen rollen, en 't is geen wonder er een lapje of een strooitje bij te vinden. En al zal zoo'n rommel ook al heel weinig geleken hebben op een krans of een poppetje - de verbeelding zal daar wel alles van kunnen maken, wat bijgeloovige menschen er in zien willen.' (brief aan Sassen, dd. 5 juli 1890, verz. Sassen inv. no. BB26).
Naast volksverhalen verzamelde meester Cuijpers materiaal betreffende allerhande volksgebruiken zoals kinderrijmen, kalendergebruiken, e.a. hetgeen eveneens in de genoemde tijdschriften gepubliceerd werd.
Begegnung mit Geistern

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20