Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0100 - 2.54. Het dankbare katje

Een sage (boek), 1892

Hoofdtekst

2.54. Het dankbaar katje
Drie jongelingen, thans nog in leven, woonachtig op het gehucht de Groothei onder Neerpelt, gingen op zekeren avond samen uit, om een buurpraatje te houden. Toen zij, vermits het slaaptijd was, huiswaarts keerden, zat daar in de Kattenstraat eene zeer schone jonge kat, die eenen der drie kameraden zoodanig beviel, dat hij ze opnam om ze mede naar zijne woning te dragen. Dit laatste scheen poes niet te bevallen; want toen men het huis naderde, sprong zij onverwacht uit den arm des jonkmans en zei, in den tongval van Pelt: "k Dank e, da ge me zoo wijt gedragen hèt.' De ontstelde jongeling begreep nu, dat hij zoo ver eene heks, in eene kat veranderd, had meegenomen; zijne makkers hadden hem reeds verlaten, toen dit voorviel, daar ieder in een ander huis woonde en de eerste wat verder gaan moest; doch alle drie verhalen nog heden deze grap voor eene echte gebeurtenis.

Onderwerp

SINSAG 0603 - Andere Begegnungen mit sprechenden Katzen.    SINSAG 0603 - Andere Begegnungen mit sprechenden Katzen.   

Beschrijving

Een kat die 's avonds door een jongen wordt meegenomen naar huis springt weg met de woorden dat hij bedankt wordt voor het dragen. De jongen begrijpt dat het een heks in de gedaante van een kat is geweest.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 69-70

Motief

B293.1 - Dance of cats.    B293.1 - Dance of cats.   

B211.1.8 - Speaking cat.    B211.1.8 - Speaking cat.   

G211.1.7 - Witch in form of cat.    G211.1.7 - Witch in form of cat.   

Commentaar

1892
Motieven: B293.1 Dance of cats; B211.1.8 Speaking cat; vgl. G211.1.7 Witch in form of cat.
OV IV: 169. Bewerking: Biemans 1973: 47-48; Kunst 1972: 7 (no. 23).
2. De archeologie van het vertellen. Verhalen uit de Kempen
Opgetekend, verzameld en bewerkt door Petrus Norbertus Panken. Panken werd geboren te Duizel op 6 september 1819. Hij was vanaf 1840 tot 1863 onderwijzer te Westerhoven en na zijn pensionering brievenbesteller te Bergeik, waar hij op 20 juli 1904 overleed. Hij was een pionier op het gebied van de Noordbrabantse archeologie, daartoe o.a. geïnspireerd door C.R. Hermans (zie Biemans 1977). Een uitgebreide biografie van hem werd geschreven door Hein Mandos (1971). Zijn verhalen werden gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883 -okt. 1884) II (okt. 1884-okt. 1885), III (okt. 1885-okt. 1886) en in Ons Volksleven (OV) IV (1892), V (1893). Van de publicaties uit Ons Volksleven verscheen in 1893 een overdruk. Zijn Bergeikse verhalen verschenen bovendien in de Beschrijving van Bergeik (BB), dat hij samen met A.F.O. van Sasse van Ysselt schreef (1900).
Zijn handschriften, waaronder een Autobiografie of Eigen Levensbeschrijving en een dagboek zijn te raadplegen in het streekmuseum Eicha te Bergeik.
Andere Begegnungen mit sprechenden Katzen

Naam Overig in Tekst

Groothei    Groothei   

Pelt    Pelt   

Naam Locatie in Tekst

Neerpelt    Neerpelt   

Kattenstraat    Kattenstraat   

Plaats van Handelen

Neerpelt (BeLb)    Neerpelt (BeLb)   

Kloekenummer in tekst

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20