Hoofdtekst
Hoe dat si op een asschel woendach vanden enghel ontfinc heilige assche. Capitel XXXII
OPten aschwoensdach plach dese heileghe maghet na die maniere vander heilegher kerken te ontfanghen die heileghe asschen van her Jan haers biechtvaderso handen die hij te voren plach uut der kerken te halen.
Op enen tijt opten voerscreven woensdach vraechde haer [237Vb] her Jan of hy haer woude bringhen die heileghe asschen. Sij antworde ende seyde:
- ‘Het mach goet wesen dat ghi wat bringhet, mer die Heere hevet my versien met heileghen asschen.’
Ende sy openbaerde hem dat die inghel daer hadde gheweest ende hadde haer met heilighen asschen gheteekent. Ende op dat hijt te bat gheloeven soude, nam si sinen vingher ende leyd se op haer voerhooft dat hij die asschen soude tasten ende verhenghede dat hi sijn voerhooft op haer voerhooft soude legghen, ende also deelachtich worden in die gracie Gods die sy daer mede hadde ontfaen.
OPten aschwoensdach plach dese heileghe maghet na die maniere vander heilegher kerken te ontfanghen die heileghe asschen van her Jan haers biechtvaderso handen die hij te voren plach uut der kerken te halen.
Op enen tijt opten voerscreven woensdach vraechde haer [237Vb] her Jan of hy haer woude bringhen die heileghe asschen. Sij antworde ende seyde:
- ‘Het mach goet wesen dat ghi wat bringhet, mer die Heere hevet my versien met heileghen asschen.’
Ende sy openbaerde hem dat die inghel daer hadde gheweest ende hadde haer met heilighen asschen gheteekent. Ende op dat hijt te bat gheloeven soude, nam si sinen vingher ende leyd se op haer voerhooft dat hij die asschen soude tasten ende verhenghede dat hi sijn voerhooft op haer voerhooft soude legghen, ende also deelachtich worden in die gracie Gods die sy daer mede hadde ontfaen.
Beschrijving
32. Liedewij ontvangt op aswoensdag een askruisje van de engel
Op aswoensdag ontving Liedewij het askruisje gewoonlijk van Jan, haar biechtvader. Dit keer vertelde ze hem dat de engel haar een askruisje gegeven had. Om het te bewijzen legde ze zijn wijsvinger op haar voorhoofd en drukte zijn voorhoofd tegen het hare. Op deze manier deelde ze Gods gratie.
Op aswoensdag ontving Liedewij het askruisje gewoonlijk van Jan, haar biechtvader. Dit keer vertelde ze hem dat de engel haar een askruisje gegeven had. Om het te bewijzen legde ze zijn wijsvinger op haar voorhoofd en drukte zijn voorhoofd tegen het hare. Op deze manier deelde ze Gods gratie.
Bron
Het leven van Liedewij, de maagd van Schiedam. (Ed. Ludo Jongen en Cees Schotel). Verloren, Hilversum 1994 (tweede druk).
Commentaar
ca. 1435
Dit verhaal is per hoofdstuk ingevoerd. Er zijn 44 hoofdstukken. <br>
Tekst en informatie: http://www.dbnl.org/tekst/_lie002lied01_01/
Tekst en informatie: http://www.dbnl.org/tekst/_lie002lied01_01/
Naam Overig in Tekst
Liedewij   
Jan   
God   
Plaats van Handelen
Schiedam (Zuid-Holland)   
Kloekenummer in tekst
K003p   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
