Hoofdtekst
betooverd. Men ging in den stal en de vrouw wees de zieke koeien aan, daarbij zeggende: «Die kan ik genezen en die, maar die niet.» En dit is later volkomen volgens haar zeggen uitgekomen. — Pake moest nu een boor nemen en gaten boren in de kozijnen der deuren en vensters, en nadat de vrouw eenig poeder in die gaten had gedaan, moest pake er pinnen in slaan en hij mocht niemand hare plaatsen laten zien of doen weten. In het woonvertrek teruggekomen zeide de vrouw: «Die het je doet heeft hier veel verkeering gehad. Zij is tegenwoordig geweest bij de geboorte van dat kind en van dat, maar bij de anderen niet.» Pake en beppe begrepen nu, dat hun oude baker bedoeld werd, die, zooals zij wel wisten, ontevreden was omdat zij in den laatsten tijd daar niet was gebruikt. Zij scheen dus haar wraak te koelen aan de jongste twee kinderen. De vrouw zeide verder: «Morgen zal hier iemand komen om wit goed, maar geeft het haar niet, want anders zou ik niets meer kunnen doen.» Den volgenden morgen omstreeks tien uren kwam er iemand, het was de oude baker, met een potje en verlangde, gelijk wel meer gebeurde, wat melk. Beppe nam het potje
om er melk in te doen, maar bedacht zich even en zeî: «Ik wil eerst mijn man eens gaan vragen.» En het antwoord van deze was: «Wij kunnen vandaag geen melk missen.» De kinderen beterden vervolgens van dag tot dag, en de vreemde vrouw kwam nu en dan hoogte nemen. Op zekeren dag gaf zij beppe een zakje met kruiden en zeî: «Dit goed moet je op dien dag en dat uur verbranden, zoo en zoo.» Beppe deed dit, maar tijdens de verbranding kwam de oude baker bij haar in huis geloopen, schreeuwende en jammerende: «O! wat heb ik een pijn! wat heb ik een pijn!» Beppe beklaagde haar niet veel, maar wees haar spoedig de deur. Na verloop van nog eenigen tijd waren de kinderen volkomen hersteld. De vreemde vrouw kwam nogmaals terug en verklaarde hare taak voor afgedaan. Op pakes vraag, wat hij haar schuldig was, antwoorde zij: «Niets; ik moet dit werk twee jaren doen, maar mag er niets voor nemen, ook voor de medicijnen niet. Maar ik ben roomsch-katholiek, en zoo gij iets geven wilt, doe het dan aan de katholieke gemeente te Sint Nicolaasga.» Dit heeft pake toen gedaan, maar van de vrouw hebben zij later nooit weer iets vernomen. — «Ik geloof niet aan heksen en tooveren,» zoo besloot de verteller, «maar dit is toch werkelijk zoo gebeurd. Mijn vader heeft het ons meermalen verteld; hij wist het nog zeer goed. Hij was, toen het gebeurde, een knaap van ongeveer acht jaren en had wel medicijnen van Langweer moeten halen.»
Onderwerp
SINSAG 0627 - Hexe durch Verbrennung eines magischen Mittels gequält
  
TM 3101 - Heks maakt kind (mens, dier) ziek   
Beschrijving
Bron
Motief
G263.4 - Witch causes sickness.   
C784.1 - Tabu: lending to witch.   
G257.1 - Burning object forces witch to reveal herself: sympathetic magic.   
[G265.4.2.1*]   
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Tjebbe   
Watze   
Plaats van Handelen
Doniawerstal   
Dijken   
Knijpe   
Sint Nicolaasga   
Langweer   
Kloekenummer in tekst
F005p   
F004p   
