Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CBAK0266

Een mop (mondeling), zaterdag 02 november 1901

Hoofdtekst

Een vrouw was met haar kind op reis. Vermoeid ging ze aan de weg zitten. Daar kwam een boer aanrijden.
"Mag ik mee?" zei ze.
"Jawel," zei de boer, "as je onderweg maar niet mal worre."
"Dat heb geen nood," zei ze, dus ze stapte op.
Toen ze een poos gereden hadden, begon zij met het kind te praten: "Waar ben je nou? Waar ben je nou?"
"Er of," zeit de boer, "want nou wor je mal."
"Hoe dat zoo?"
"Nou, je vrage waar ze is en je hebt ze zelf op je schoot."
(Broek).

Beschrijving

Boer neemt vrouw mee op zijn wagen op voorwaarde dat ze niet gek wordt. Als ze aan haar kind vraagt waar die is moet ze van de boer afstappen, want ze is mal omdat ze dat vraagt terwijl ze het kind op schoot heeft.

Bron

Collectie Bakker (Archief Meertens Instituut)

Commentaar

2 november 1901, in brief november 1901

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21