Hoofdtekst
Er zat onder de Nieuwe Brug te Amsterdam altijd een man die de bediening had van de secreten. Die had een dochter, die wou trouwen, maar dat mocht niet eer, voor de vrijer beloofde dat ie de oude heer zou opvolgen. Dat beurde, dat die haalde toe de fooien op.
Nou was er een kapitein van een schip, die gaf al jaren lang als hij er kwam een goede fooi. Maar op een zekeren tijd werd dat al minder en minder. Op 't lest gaf ie maar een stuiver. Ook begon hij er sjofel uit te zien.
Toe zei de man onder de brug: "Je moet me toch ers zeggen, waarom ik teugenwoordig zoo weinig krijg."
Dat wou de kapitein eerst niet, maar op lest vertelde nie toch dat zijn schip vergaan was en ie niet verassereerd was.
"Kom dan vanavond ers bij me in die en die straat, dat en dat nummer."
Enfin, docht de kapitein, ik ken der wel ers heen gaan. Hij gong dus, maar kwam an een deftig huis.
"Ik ben zeker abuis," zeidie, "maar ik zel toch maar schellen."
Een klein meisje deed open en zei: "Uwe is zeker de kapitein die komme zou. Komt uwe maar binnen."
Hij wier in een deftig salon elate.
Toe most ie weer alles vertellen, en op lest zei de man onder de brug: "Mijn grootvader, me schoonvader en ik hebbe jaren onder de brug gezeten, en benne zoo rijk eworden. Jij heb ons altijd goed bedocht, dus nou zel ik jou bedenken. Wat kost je schip?"
"ƒ180.000."
"Zoo, nou laat dat den voor mijn rekening maken. Ken je het terug geven, dan is het goed; aars is het ook goed."
De kapitein mooi blijd natuurlijk; liet het schip maken. Later heb ie alles teruggegeven. Maar hij most beloven dat het schip zou hieten Van Den Bedelaar en dat ie voortan weer een goede fooi zou geven.
(Uitdam, D. Schuurman)
Onderwerp
VDK 0942* - De dankbare bedelaar   
SINAT 0845* - Belohnte Mildtätigkeit   
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Uitdammer   
Schuurman   
Nieuwe Brug   
Van Den Bedelaar   
Naam Locatie in Tekst
Uitdam   
Amsterdam   
Plaats van Handelen
Amsterdam (Noord-Holland)   
Kloekenummer in tekst
E109p   
