Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

HEIDENH001 - Schimpnamen Amsterdam

Een sage (boek),

Hoofdtekst

Amsterdam:
- Mokumers
- Stoepeschijters
- Koeketers
- Brammen
- Pottenbakkers
- Potschijters
- Mensenvilders
- Moorddammers
- Blauwmantels
- Veenpuiten
- Oproermakers
- Waterhonden

De meest bekende bijnaam van die van Amsterdam is wel 'Mokumers'. Mokum = makan (Hebr.) = stad.

De schimpnaam 'Stoepeschijters' hebben de Amsterdammers hoofdzakelijk te danken aan die van Broek in Waterland en Monnikendam, die bekend staan vanwege hun zindelijkheid. Deze 'plattelanders' kwamen in Amsterdam en zagen dat overal vuil op de stoepen lag. Misschien wisten zij niet dat de Amsterdamse honden hiervoor verantwoordelijk waren en veronderstelden zij dat de bewoners van de Amstelstad zelf hun stoepen met uitwerpselen verontreinigden.
Van Dale: Een 'stoepeschijtertje' is een erg klein persoon.

De schimpnaam 'Koeketers' komt wellicht van de grote Sinterklaasmarkten die eertijds in Amsterdam werden gehouden. Talloze 'Santekramen' stonden op de pleinen om de kooplustigen van koek en speculaas te voorzien. In de 16e eeuw maakten de Calvinisten een eind aan de Heiligenverering. De 'Santen' en 'Santinnen' mochten niet meer in de vorm van speculaaspoppen of suikerfiguren worden afgebeeld en de Sinterklaasmarkten werden verboden. De zegswijze: 'Weg met die Santekraam' stamt uit die tijd. De koelproductie in Amsterdam was zo groot, dat er een scherpe concurrentiestrijd met Deventer ontstond. Bekende Amsterdamse koeksoorten uit 16e en 17e eeuw zijn: Bernstekoek, confytekoek, kolksche koek, kruidenkoek, honingkoek en kaneelkoek. Op de Haarlemmerdijk te Amsterdam waren in die tijd ook 'Haarlemmer Halletjes' (een koeksoort) te koop. Mensen die voorgaven in Haarlem te zijn geweest kochten op de Haarlemmerdijk 'Haarlemmer Halletjes', zodat anderen moesten geloven dat zij inderdaad in Haarlem geweest waren. Beweerd wordt ook wel, dat de Utrechtenaren de schimpnaam 'Koeketers' aan die van Amsterdam gaven. Wanneer de Amsterdammers namelijk op de zomerse feestdagen naar het 'Vermakelijk Sticht' gingen, trokken zij in troepen naar de Schoutensteeg, waar 'Hylikmakers', een soort koek in lange repen, te koop waren. De Amsterdammers kochten grote hoeveelheden in, zodat ze de hele dag, zittend, staand of al lopende konden doorgaan met 'koeketen!'

Wat betreft de schimpnaam 'Brammen' bestaat er een zegswijze: Het is een echte 'Bram' (Afkorting van de mansnaam Abraham). Wordt gezegd van een druktemaker, een opschepper, een windbuil, een opsnijder of branieschopper. Huizinga zegt in zijn boek 'Spreekwoorden en gezegden': 'Een echte Bram is een pronkzuchtig iemand'. Wanneer iemand van buiten Amsterdam wist te maken te hebben met een Amsterdammer, dan zei die: 'Hallo Bram!'

Net als in het Duitse Emden, worden Amsterdammers wel 'Pottenbakkers' genoemd. Pottenbakkers kwamen er veel voor. Een kleine wijziging in die naam gaf de Amsterdammers de lelijke spotnaam 'Potschijters'. Toen in 1578 de Emder predikanten -door te preken- de zaak der hervorming wilden bevorderen en 't Roomse geloof bezweren, vonden die preken plaats in het pakhuis aldaar, genaamd 'De Pot'. Vandaar dat ook die van Emden 'Potschijters' heten.

De eerste ontleding (sectie) van een mens vond plaats te Amsterdam door een heelmeester of chirurgijn. Het lijk dat daartoe diende, was van een beruchte dief, die onder de zonderlinge naam 'Zuster Luyt' bekend stond. De huid werd afgestroopt en die bewaarde men in de chirurgijns gildekamer. Toen die eerste mens te Amsterdam geanatomiseerd was, verdween voor een goed deel de spotnaam 'Koeketers' en kregen ze de naam 'Mensenvilders', getuige het volgende rijmpje:

De naam van koeketers zijn ze nu kwijt
Mensen villen geeft beter profijt.

De spotnaam 'Moorddammers' herinnert aan de verschrikkelijke terechtstellingen in de Spaanse tijd, als gevolg van de uitvoering van de 'Bloedplakkaten' (afkondiging der inquisitie ofwel onderzoek van overheidswege naar misdrijven).

De oude spotnaam 'Blauwmantels' geldt voor de Amsterdamse 'Kattenburgers' die in de Patriottentijd lichtblauwe schoudermantels droegen.

Amsterdam, du grote Stadt
büst gebaut up Palen;
wenn du nu ins umme fallst,
wel sal dat bitalen.

Uit: Ostfriesland, wie es denkt und spricht

Met 'Veenpuiten' worden lieden bedoeld, die in een laagveengebied leven en wonen. Zij leven net als puiten (kikkers) in en tussen de veenplassen. Amsterdam ligt in een veengebied. Niet voor niets is Amsterdam gebouwd op palen!

Van zeer oude datum is de schimpnaam 'Waterhonden'. De oorsprong hiervan zou gezocht moeten worden in de aanval van de Gelderse Hertog Karel van Egmont op Amsterdam in 1508. Amsterdam wilde zich niet overgeven aan de hertog en had de nodige maatregelen genomen om de troepen van Karel van het lijf te houden. Een van de versterkingen bevond zich op de Diemerdijk bij de Yperslotersluis. Een goed bemande schans en een wachtschip op het Diemermeer moesten de Geldersen daar tegenhouden. Met de hertog zelf aan het hoofd werd de schans aangevallen onder de uitroep: 'Waterhonden! Waterhonden! Wij willen jou binden!' De aanval mislukte overigens. met behulp van goed bemande schepen uit verschillende Noordhollandse havensteden verdreef men Karel en zijn bendeleden.

Onderwerp

TM 2602 - Spotnaam voor naburig dorp (stad) of hun inwoners    TM 2602 - Spotnaam voor naburig dorp (stad) of hun inwoners   

Beschrijving

Uitleg over de herkomst van verschillende schimpnamen voor Amsterdam, zoals 'mensenvilders', 'koeketers', 'mokumers' en 'waterhonden'.

Bron

D. van der Heide, Schimpnamen van Noord-Holland. Bedum 2002, p. 18-21

Naam Locatie in Tekst

Amsterdam    Amsterdam   

Broek in Waterland    Broek in Waterland   

Monnikendam    Monnikendam   

Emden    Emden   

Utrecht    Utrecht   

Deventer    Deventer   

Gelderland    Gelderland