Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

SINVS077 - De jongen met de arend

Een sprookje (boek), 1901

Hoofdtekst

DE JONGEN MET DE AREND
Er was eens een jager, die als hij op jacht ging altijd zijn zoontje Jantje meenam. Terwijl vader de hazen en de patrijzen schoot, ging Jantje als hij moe werd onder een grote boom zitten om zijn boterham op te eten.
Op een goede dag hoorde hij een luid geschreeuw vlak boven zijn hoofd en hij zag een jonge arend, die in de takken verward was geraakt. Jantje had medelijden met de vogel en deelde zijn boterham met hem en dat deed hij in het vervolg elke dag, zodat het arendsjong aan hem gewend raakte.
Eindelijk besloot hij het dier, dat hem nu goed kende, te bevrijden. Hij maakte voorzichtig de poten uit de takken los en de arend vloog weg. Het dier was echter zo aan Jantje gehecht geraakt dat het elke dag terugkwam en hem dan overal volgde.
Enige jaren later kwamen de Kozakken in het land en zij verschenen ook in het dorp waar Jan woonde. Zijn vader en moeder werden op alle mogelijke manieren door die ruwe kerels geplaagd. Al wat Jan's vader schoot, aten ze op en als hij klaagde dat ze hem doodarm maakten, sloegen ze zijn moeder als hij op jacht was. Maar eindelijk vertrokken ze toch en toen besloot Jan zich te wreken. Toen de paarden gezadeld waren, nam hij een steen en gooide ermee en een van de paarden viel dood neer.
Dat maakte de Kozakken zo kwaad dat ze hem nazetten, hem wisten te pakken en hem op een van hun paarden bonden. Zo namen ze hem mee naar Moskou. Hier dwongen ze hem om dienst te nemen en hij werd Kozak. Natuurlijk werd er streng op hem gelet, want ze waren bang dat hij zou vluchten.
Eens toen ze waren uitgereden, zag Jan een grote vogel boven hem vliegen en toen hij goed keek, zag hij dat het zijn arend was. Die had hem dus gezocht en eindelijk in Rusland teruggevonden. Dat bracht hem op een idee. Jan wilde niets liever dan naar zijn eigen land terug te keren en hij hoopte dat hij dat nu zou kunnen doen. Hij vertelde dus aan iedereen, die het maar horen wilde, dat hij van de hoogste kerktoren zou springen zonder zich te bezeren, en dat gerucht bereikte ten slotte ook de Russische keizer. Die wilde dat wel eens zien en Jan moest dus voor de keizer verschijnen die hem een grote som geld beloofde als hij dat kunststuk zou volbrengen.
"Goed," zei Jan, "maar op één voorwaarde, en wel dat u mij het geld van tevoren geeft."
Dat vond de keizer goed en Jan kreeg het geld. Toen werd hij op het topje van de hoogste toren in Moskou gebracht en er werden overal soldaten neergezet, opdat hij niet stilletjes zou ontsnappen. Het hele plein voor de kerk stond vol mensen, maar Jan bleef rustig boven op de toren zitten.
Het duurde echter niet lang of hij zag in de lucht een zwarte stip, die al nader en nader kwam. Het was zijn arend. Hij ging naast Jan zitten en die klom op zijn rug en zo vlogen ze samen weg. Toen de keizer dat zag, liet hij met geweren en kanonnen op hen schieten, maar het geschut droeg zo ver niet en de arend en Jan bleven ongedeerd.
Zo vlogen ze voort, tot de arend zich eindelijk neerzette op de schoorsteen van het huis, waar Jan's ouders woonden. Toen vloog de vogel weg. Jan keek eens door het venster en zag dat zijn vader mistroostig aan tafel zat en dat zijn moeder haar tranen niet kon weerhouden.
Opeens riep hij: "Vader, moeder, daar ben ik!" en tot hun grote blijdschap hadden ze hun zoon gezond en wel terug. Het geld, dat hij van de keizer had gekregen, had hij op zak en zo waren ze schatrijk.
(Zeeland)

Onderwerp

TM 0556* - De jongen en zijn arend    TM 0556* - De jongen en zijn arend   

Beschrijving

Na een tijdje bevrijdt een jongen een verstrikt geraakte jonge arend met wie hij zijn brood deelde, en die aan hem gehecht raakte. De jongen wordt meegenomen naar Rusland, waar hij eens de arend ziet. De list om te ontvluchten bestaat uit het verhaal dat hij van de hoogste kerktoren springen zonder zich te bezeren. Van de keizer krijgt hij vooraf een grote som geld. Als de arend naast hem op de toren komt zitten klimt hij de jongen op zijn rug, en vliegen ze terug.

Bron

J.R.W. Sinninghe: Volkssprookjes uit Nederland en Vlaanderen. Den Haag 1978, p. 216-217

Commentaar

1901
Zie ook Boekenoogen in Volkskunde 14, p.241-242 en Sinninghe: Zeeuwsch Sagenboek (Zutphen 1933), p.342-344. Alhoewel het verhaal er maar ten dele op lijkt, is deze vertelling wel gerekend tot AT 0537 (The Marvelous Eagle Gives the Hero a Box) ofwel ATU 537 (The Flight on the Grateful Eagle).
De jongen en zijn arend

Naam Overig in Tekst

Kozakken    Kozakken   

Jantje    Jantje   

Jan    Jan   

Russische    Russische   

Naam Locatie in Tekst

Moskou    Moskou   

Rusland    Rusland   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20