Bij het vegen van mijn stalletje vond ik een gouden balletje en kocht ervoor een vet varkentje, maar het wou niet gaan. Ik ging naar de stok, die wou niet slaan, het vuur wou niet branden, het water niet blussen, de os niet drinken, maar de slager…
Ik veegde mijn stalletje, vond een gouden balletje en kocht een varkentje, maar het wou niet gaan. Ik vroeg de stok het varken te slaan, ging toen naar vuur, water, os, slager.