Hoofdtekst
1.28. Heksen en de kwade hand
In Helmond was eene vrouw, die van de kwade hand geraakt was. Zij zag er steeds zwak uit en wat men ook deed en wat men ook aanraadde, - niets kon helpen, de vrouw bleef kwijnende. Haar man ontbood eens den pastoor, die aanstonds bereidwillig medekwam. Nauwelijks echter is deze binnenshuis, of de man werpt de deur op slot en verklaarde bij hoog en laag, dat de pastoor de deur niet uit zou komen, voor hij de vrouw geholpen had. Of de priester den man al trachtte te bedaren en hem zeide, dat hij maar hoop hebben moest en geduld - niets hielp. De man was totaal onhandelbaar. 'Nu dan,' zeide eindelijk de pastoor, 'werp een emmer met water door de deur uit op straat, maar pas op, dat ge de vrouw niet raakt, die daar buiten staat te luisteren.' De man is gereed te doen, wat de pastoor verlangde; hij trekt de deur open en ziet eene buurvrouw zich haastig verwijderen. Van dat oogenblik af nam de ziekelijke vrouw in beterschap toe en was weldra heelemaal genezen.
In Helmond was eene vrouw, die van de kwade hand geraakt was. Zij zag er steeds zwak uit en wat men ook deed en wat men ook aanraadde, - niets kon helpen, de vrouw bleef kwijnende. Haar man ontbood eens den pastoor, die aanstonds bereidwillig medekwam. Nauwelijks echter is deze binnenshuis, of de man werpt de deur op slot en verklaarde bij hoog en laag, dat de pastoor de deur niet uit zou komen, voor hij de vrouw geholpen had. Of de priester den man al trachtte te bedaren en hem zeide, dat hij maar hoop hebben moest en geduld - niets hielp. De man was totaal onhandelbaar. 'Nu dan,' zeide eindelijk de pastoor, 'werp een emmer met water door de deur uit op straat, maar pas op, dat ge de vrouw niet raakt, die daar buiten staat te luisteren.' De man is gereed te doen, wat de pastoor verlangde; hij trekt de deur open en ziet eene buurvrouw zich haastig verwijderen. Van dat oogenblik af nam de ziekelijke vrouw in beterschap toe en was weldra heelemaal genezen.
Onderwerp
TM 3101 - Heks maakt kind (mens, dier) ziek   
Beschrijving
Man van zieke vrouw gooit op raad van een pastoor een emmer water naar buiten, en ziet een vrouw die stond te luisteren weggaan. Vanaf dat moment geneest de vrouw.
Bron
Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 34-35
Motief
D2064.4 - Magic sickness because of Evil Eye.   
G271.5.c   
Commentaar
NA 1891: 435. Bewerking: Sinninghe 1933: 100 (no. 142).
1. Schoolmeester en essayist. Verhalen vanuit Zeelst verzameld Opgetekend, verzameld en in vorm gegoten door Jacques Cuijpers (1850-1926), hoofdonderwijzer te Zeelst. Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883-okt. 1884), II (okt. 1884-okt. 1885), en de Noordbrabantsche (Volks-) Almanak (NA), beide onder redactie van August Sassen. Cuijpers was goed bevriend met Sassen. Met hem en anderen placht hij wandelingen door de Noordbrabantse Kempen en de Peel te maken, waarbij onder meer aandacht werd geschonken aan de plaatselijke volkscultuur. De lichte spot die uit zijn verhalen klinkt wijst op een zeker cynisme tegenover het hem vertelde. Tegenover Sassen liet hij meer dan in de verhalen dit duidelijk uitkomen. Zo schreef hij over de verenkrans, die voor velen hét bewijs van hekserij was: 'Ze vullen ze op met wat de lui hebben. Draadjes vindt men allicht in de peluws; deze doen de veren ineen rollen, en 't is geen wonder er een lapje of een strooitje bij te vinden. En al zal zoo'n rommel ook al heel weinig geleken hebben op een krans of een poppetje - de verbeelding zal daar wel alles van kunnen maken, wat bijgeloovige menschen er in zien willen.' (brief aan Sassen, dd. 5 juli 1890, verz. Sassen inv. no. BB26).
Naast volksverhalen verzamelde meester Cuijpers materiaal betreffende allerhande volksgebruiken zoals kinderrijmen, kalendergebruiken, e.a. hetgeen eveneens in de genoemde tijdschriften gepubliceerd werd.
1. Schoolmeester en essayist. Verhalen vanuit Zeelst verzameld Opgetekend, verzameld en in vorm gegoten door Jacques Cuijpers (1850-1926), hoofdonderwijzer te Zeelst. Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883-okt. 1884), II (okt. 1884-okt. 1885), en de Noordbrabantsche (Volks-) Almanak (NA), beide onder redactie van August Sassen. Cuijpers was goed bevriend met Sassen. Met hem en anderen placht hij wandelingen door de Noordbrabantse Kempen en de Peel te maken, waarbij onder meer aandacht werd geschonken aan de plaatselijke volkscultuur. De lichte spot die uit zijn verhalen klinkt wijst op een zeker cynisme tegenover het hem vertelde. Tegenover Sassen liet hij meer dan in de verhalen dit duidelijk uitkomen. Zo schreef hij over de verenkrans, die voor velen hét bewijs van hekserij was: 'Ze vullen ze op met wat de lui hebben. Draadjes vindt men allicht in de peluws; deze doen de veren ineen rollen, en 't is geen wonder er een lapje of een strooitje bij te vinden. En al zal zoo'n rommel ook al heel weinig geleken hebben op een krans of een poppetje - de verbeelding zal daar wel alles van kunnen maken, wat bijgeloovige menschen er in zien willen.' (brief aan Sassen, dd. 5 juli 1890, verz. Sassen inv. no. BB26).
Naast volksverhalen verzamelde meester Cuijpers materiaal betreffende allerhande volksgebruiken zoals kinderrijmen, kalendergebruiken, e.a. hetgeen eveneens in de genoemde tijdschriften gepubliceerd werd.
Naam Locatie in Tekst
Helmond   
Plaats van Handelen
Helmond (Noord-Brabant)   
Kloekenummer in tekst
L237p   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
