Hoofdtekst
Menigherande exempel dat si oec lichamelike wort op ghevoert. Capitel XIIII
NIet alleene inden gheest en wort dese maghet uut haer selven ghevoert, als nu gheseit es, maer oec mede inden lichame. Ende daer af wort sij ghesekert met menegherande teekenen. Want sij plach te segghen, dat si overmids die overdraghende uutganc haers gheests, so plach si oec mede also als si lach dicke metten bedde of metter stede daer si op lach, ende metten lichaem worden verheven boven die solre daer si onder lach. Als si haer oeffende in Ons Heeren Passie plach sij dicke vanden ynghel worden ghevoert tot die heileghe steden daer Onse Lieve Heere gheboren wart ende ghepinicht. Ende als si dan quam opten berch van Calvariën of op anderen steden, so cussede sij Ons Liefs Heeren cruus ende Sijn heileghe wonden ende si beval haer siele in Sinen handen om haer pijn ende lijden te salven. Ende al ghevoelde si daer onsprekelijke soe[223Vb]ticheit, nochtan als sij weder quam tot haer selven uut dat cussen Ons Liefs Heeren wonden ende cruce, brocht sij menichwerf weder in haer lippen groote quetsinghe of sweringhe daer die ynghel af seide, dat si die daer af ontfaen hadde, dat si weten soude dat si daer mede inden lichame hadde gheweest.
Op eenen anderen tijt doe si ghinc doer een lustelike stede, ghevoelde sij lichaemelijc haren rechten voet verwronghen. Ende van desen verwronghe ghecreech sij also groote heffinghe aen dat uuterste van den teen, dat si daer menichtijt aen ghequelt was.
Op eenen anderen tijt was sij ghevoert tot der heilegher stede van Romen. Ende daer ghinc si tusschen somighe van dien overste kerken doer doornen ende bosschen wandelen ende weyvende met haren handen alst ghewoenlijc es den ghenen die over sulke steden gaen. Ende vandien weyven ontfinc si in haren vingher eenen doren daer si twee daghe lanc by ghequelt was. Ende om dese lichamelike quetsinghe plach sij te segghen, dat si vermoedde dat si daer licha[224Ra]melijc hadde gheweest. Maer hoe dat ghesciede dat wist die ynghel wel die dat ghetuuch hadde ghegheven. Het es oec te vermoeden, dat si anders of meer dan inden gheest was op ghetoghen, doe si den rans weder brochte daer wy noch af selen segghen.
NIet alleene inden gheest en wort dese maghet uut haer selven ghevoert, als nu gheseit es, maer oec mede inden lichame. Ende daer af wort sij ghesekert met menegherande teekenen. Want sij plach te segghen, dat si overmids die overdraghende uutganc haers gheests, so plach si oec mede also als si lach dicke metten bedde of metter stede daer si op lach, ende metten lichaem worden verheven boven die solre daer si onder lach. Als si haer oeffende in Ons Heeren Passie plach sij dicke vanden ynghel worden ghevoert tot die heileghe steden daer Onse Lieve Heere gheboren wart ende ghepinicht. Ende als si dan quam opten berch van Calvariën of op anderen steden, so cussede sij Ons Liefs Heeren cruus ende Sijn heileghe wonden ende si beval haer siele in Sinen handen om haer pijn ende lijden te salven. Ende al ghevoelde si daer onsprekelijke soe[223Vb]ticheit, nochtan als sij weder quam tot haer selven uut dat cussen Ons Liefs Heeren wonden ende cruce, brocht sij menichwerf weder in haer lippen groote quetsinghe of sweringhe daer die ynghel af seide, dat si die daer af ontfaen hadde, dat si weten soude dat si daer mede inden lichame hadde gheweest.
Op eenen anderen tijt doe si ghinc doer een lustelike stede, ghevoelde sij lichaemelijc haren rechten voet verwronghen. Ende van desen verwronghe ghecreech sij also groote heffinghe aen dat uuterste van den teen, dat si daer menichtijt aen ghequelt was.
Op eenen anderen tijt was sij ghevoert tot der heilegher stede van Romen. Ende daer ghinc si tusschen somighe van dien overste kerken doer doornen ende bosschen wandelen ende weyvende met haren handen alst ghewoenlijc es den ghenen die over sulke steden gaen. Ende vandien weyven ontfinc si in haren vingher eenen doren daer si twee daghe lanc by ghequelt was. Ende om dese lichamelike quetsinghe plach sij te segghen, dat si vermoedde dat si daer licha[224Ra]melijc hadde gheweest. Maer hoe dat ghesciede dat wist die ynghel wel die dat ghetuuch hadde ghegheven. Het es oec te vermoeden, dat si anders of meer dan inden gheest was op ghetoghen, doe si den rans weder brochte daer wy noch af selen segghen.
Beschrijving
14. Verschillende voorbeelden van Liedewijs ook lichamelijke uittredingen
Niet alleen geestelijk maar ook lichamelijk trad Liedewij uit. Ze vertelde menigmaal dat ze ten gevolge van de buitengewone uittreding van haar geest dikwijls met bed en al werd opgeheven boven de zoldering van haar kamer uit. De engel nam haar vaak mee naar de heilige plaatsen waar Jezus geboren en gemarteld werd. Ze kuste het Kruis en Zijn wonden, en beval haar geest in Zijn handen om haar pijn en lijden te verzachten. Na afloop vaak vreselijke verwondingen of zweren aan haar lippen. De engel zei dat ze die van het kussen gekregen had, opdat ze zou weten dat ze daar ook lijfelijk geweest was. Eens werd haar rechter voet ontwricht bij een wandeling door een prachtige tuin. Dat veroorzaakte een grote zwelling in het topje van haar teen, waar ze geruime tijd veel last van had. Een andere keer werd ze naar Rome gevoerd. Ze wandelde daar tussen een paar hoofdkerken door doornig struikgewas, zich rustig een weg banend. Hierbij kreeg ze een doorn in haar vinger die haar een paar dagen hinderde. Vanwege dergelijke verwondingen zei ze meer dan eens dat ze vermoedde ook lichamelijk daar geweest te zijn. Hoe dat precies in zijn werk was gegaan, wist de engel haarfijn uit te leggen. Vermoedelijk is Liedewij ook meer dan alleen maar geestelijk uitgetreden toen ze de krans meebracht.
Niet alleen geestelijk maar ook lichamelijk trad Liedewij uit. Ze vertelde menigmaal dat ze ten gevolge van de buitengewone uittreding van haar geest dikwijls met bed en al werd opgeheven boven de zoldering van haar kamer uit. De engel nam haar vaak mee naar de heilige plaatsen waar Jezus geboren en gemarteld werd. Ze kuste het Kruis en Zijn wonden, en beval haar geest in Zijn handen om haar pijn en lijden te verzachten. Na afloop vaak vreselijke verwondingen of zweren aan haar lippen. De engel zei dat ze die van het kussen gekregen had, opdat ze zou weten dat ze daar ook lijfelijk geweest was. Eens werd haar rechter voet ontwricht bij een wandeling door een prachtige tuin. Dat veroorzaakte een grote zwelling in het topje van haar teen, waar ze geruime tijd veel last van had. Een andere keer werd ze naar Rome gevoerd. Ze wandelde daar tussen een paar hoofdkerken door doornig struikgewas, zich rustig een weg banend. Hierbij kreeg ze een doorn in haar vinger die haar een paar dagen hinderde. Vanwege dergelijke verwondingen zei ze meer dan eens dat ze vermoedde ook lichamelijk daar geweest te zijn. Hoe dat precies in zijn werk was gegaan, wist de engel haarfijn uit te leggen. Vermoedelijk is Liedewij ook meer dan alleen maar geestelijk uitgetreden toen ze de krans meebracht.
Bron
Het leven van Liedewij, de maagd van Schiedam. (Ed. Ludo Jongen en Cees Schotel). Verloren, Hilversum 1994 (tweede druk).
Commentaar
ca. 1435
Dit verhaal is per hoofdstuk ingevoerd. Er zijn 44 hoofdstukken. <br>
Tekst en informatie: http://www.dbnl.org/tekst/_lie002lied01_01/
Tekst en informatie: http://www.dbnl.org/tekst/_lie002lied01_01/
Naam Overig in Tekst
Liedewij   
Jezus   
Onze Lieve Heer   
Calvarieberg   
Naam Locatie in Tekst
Passie   
Plaats van Handelen
Schiedam (Zuid-Holland)   
Kloekenummer in tekst
K003p   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
