In Haulerwyk had iemand een hoefijzer boven de deur hangen. De bedoeling ervan was, dat het huis dan behouden zou worden tegen het inslaan van de donder.
Een oude man zei eens dat hij de molen met maar één wiek had zien draaien. Een jaar later werd de molen door de bliksem geraakt, en was er nog maar één wiek.
Een tovenaarster had vaak een blauw hoofd. Ze zei tegen de dominee dat ze zich altijd stootte tegen de beddedeurtjes. Maar het was het kwaad, die haar soms op haar donder gaf.
Romkje komt op een avond thuis en zegt dat ze een bolbliksem [bliksembal] boven het huis heeft gezien. Er gebeurt verder niets. Vijf jaar later slaat de donder in het huis.
Op een dag dondert en weerlicht [onweert] het heel hard. Er komt een vuurbol naar beneden en een stem zegt dat Friesland het langst zal bestaan, maar dat het het zwaarst zal vergaan.
De dominee zegt dat hij het kan laten donderen. Hij heeft echter met de meid afgesproken, dat zodra hij dit in de preek zegt, zij over de kerkzolder moet draven, zodat het klinkt als donder. Als het zover is, blijkt de vloer van de zolder te zwak. De…
De smid van Eernewoude is altijd extra actief bij broeierig weer, omdat er dan kans is op onweer en een regenboog en hij zijn verborgen schat misschien kan terugvinden.
van donderdag 01 september 1994 t/m maandag 31 oktober 1994
Een zeeman bezoekt een prostituée, maar het wil niet lukken. Telkens ontbreekt er iets: het geklots van het water, de wind, het onweer. Telkens zorgt de prostituée tegen bijbetaling voor de verlangde effecten. Dan houdt de man ermee op: hij heeft bij…