In een oude berkenboom in een park zouden kaboutertjes wonen. Tussen vier uitstaande takken was gras gaan groeien en daar renden ze rond met kruiwagentjes, bakkerswagentjes en molensteentjes, druk in de weer.
Twee mannen uit IJzeren keren 's avonds terug met hun kruiwagens door het bos. Ze horen mooie muziek. De ene man nodigd de andere uit om op zijn voet te gaan staan: dat doet deze en ze reizen samen door de lucht. Ze komen aan bij een feest en de ene…
Een soldaat, die met het hele leger voorbij de deur van een oude vrouw kwam, vroeg haar wat de duivel deed. Zij antwoordde: 'Hij maakt kruiwagens om u en uw gelijken de hel in te rijden.'