Een vrouw was op een avond onderweg naar huis. Het was donker, en opeens voelde ze wat. Toen zag ze een beest, groter dan een hond en roetzwart. Het had ogen als theeschoteltjes. Het liep net zo lang naast haar totdat ze thuis was.
Een man moest er 's nachts altijd uit. Soms had hij niet eens tijd om zich fatsoenlijk aan te kleden. Op een keer wilde hij er niet uit en bleef hij liggen. Maar toen kwam er een hele grote hond met ogen als theeschoteltjes en die heeft hem van bed…
De man van de vertelster ging eens op een avond met drie maten naar Drachtster Compagnie. Op de Folgerster laan kwam er een hele griezelige, zwarte hond aan met gloeiende ogen zo groot als theeschoteltjes en met en hele lange staart. Sluipend ging…