Een man ziet midden in de nacht een begrafenisstoet. Uit de mensen die achter de lijkwagen lopen maakt hij op dat zijn buurman of buurvrouw gestorven is. Het is een voorgezicht: een week later sterft de buurman.
Een jongeman ziet een lijkstoet naderen. De kist is volgens de man niet van een volwassen persoon. Het is een voorgezicht: kort daarop sterft er een jong meisje.
Een helderziende die er 's nachts vaak uit moet om begrafenisstoeten te zien neemt zijn maat mee die niet wil geloven dat hij voorgezichten krijgt van sterfgevallen. De helderziende maant zijn maat opzij te gaan als de lijkstoet inderdaad nadert,…
Een man maant een kameraad opzij te gaan voor een passerende lijkstoet. De kameraad trekt zich niets aan van deze 'praatjes' maar wordt even later opzijgedreven door een onzichtbare lijkstoet. Later is op de plaats van het voorval de nieuwe…
Een dominee gebruikt in zijn preek heel vaak dezelfde tekst, namelijk 'De moeder van Petrus lag met koorts op bed'. Als de dominee eens op een begrafenisstoet stuit, vraagt hij de ouderling die hem altijd begeleidt wie er gestorven zal zijn. De…
Een helmdraagster voorziet 's nachts een sterfgeval in een passerende begrafenisstoet. Het voorgezicht komt uit: een week later is de echte begrafenis.
Vrouw die opzij gesmeten wordt weet dat er een lijkwagen langs zal komen.
Man die lijkstatie tegenkomt, vraagt wie weggebracht wordt, naam van man zelf wordt genoemd.