In Pepingen woonde een vrouw die ervan werd verdacht een toveres te zijn. Als men door die vrouw werd aangeraakt, dan moest men altijd hoger slaan, bijvoorbeeld op haar hoofd.
Mooie jonge meisjes werden nooit van toverij verdacht. Het waren altijd oude vrouwen, voor wie iedereen wegliep. In Bogaarden woonde een vrouw die zich vreemd gedroeg en daarom van toverij werd verdacht. Die toveres vertoefde altijd in de buurt van…
Als bij een boer een dier was gestorven, geloofden de mensen vaak dat een toveres daarvan de oorzaak was. Als er toevallig een oude lelijke vrouw op bezoek was geweest, dan wer die vrouw van toverij verdacht.
In Bogaarden woonde een vrouw die ervan werd verdacht een toveres te zijn. De vrouw las veel bijbels, wat de mensen wantrouwig maakte. Veel mensen goten wijwater over hun drempel opdat die toveres niet zou kunnen binnenkomen.
Een vrouw vertrouwde haar tante niet, omdat die ervan werd verdacht een toveres te zijn. Toen de vrouw op een dag terugkwam van de tram, werd ze gevolgd door een zwarte kat. Twee dagen voordien had ze samen met haar tante een zieke bezocht. De vrouw…
In Hondzocht woonde een oud vrouwtje dat ervan werd verdacht een toveres te zijn. Een buurvrouw wiens varkentje was gestorven, stak de schuld op de toveres.
Vroeger geloofde men dat kinderen 'de mare' kregen nadat er een oud vrouwtje in huis was geweest. In werkelijkheid was 'de mare' een ziekte. Vrouwen die een kromme rug hadden of die een hond of een kat konden imiteren, werden algauw heksen genoemd.
Als er ergens een oud vrouwtje zonder tanden met een gebogen rug rondliep, dan geloofden de mensen vaak dat ze een toveres hadden gezien. In werkelijkheid konden die mensen echter helemaal niet toveren. Mensen die veel wisten over de geneeskrachtige…
In Bogaarden woonde een vrouw die ervan werd verdacht een toveres te zijn omdat ze vaak 's nachts op pad was en in bijbels las. De mensen beweerden dat de zoon van die vrouw betoverd was. De jongen is namelijk gestorven toen hij dertien of veertien…
In Bellingen woonde een oude vrouw alleen in een lemen huisje. Die vrouw droeg altijd een sjaaltje en werd ervan verdacht een toveres te zijn, hoewel ze nooit iemand kwaad had gedaan. Wanneer de mensen voorbij het huis van die vrouw wandelden,…
In Bellingen woonde een oude vrouw alleen in een lemen huisje. Die vrouw droeg altijd een sjaaltje en werd ervan verdacht een toveres te zijn, hoewel ze nooit iemand kwaad had gedaan. Wanneer de mensen voorbij het huis van die vrouw wandelden,…
Mensen wiens achtjarig zoontje ziek was, legden een nagel van de paaskaars onder de dorpel. Ze verdachten immers een buurvrouw ervan hun zoon te hebben betoverd.
Om klokslag middernacht begonnen de kinderen in een huis in de Biezenweide in Halle te huilen. De kinderen zagen een figuur staan, die hen sloeg, maar de anderen mensen konden niets zien. Die kinderen werden ziek en twee van hen zijn zelfs gestorven.…
In Beert woonde een vrouw over wie men vertelde dat ze een toveres was. Die vrouw zat altijd aan de mensen te frutselen, maar ze kon eigenlijk helemaal niet toveren.
Op een boerderij waar het spookte, kropen de koeien en kalveren tegen de muur omhoog. De mensen verdachten een vrouw uit de buurt van het kwaad en gingen naar de paters van Steenbrugge. De weg naar Steenbrugge was zeer moeilijk, waardoor de mensen…