In Werken woonde een vrouw voor wie iedereen bang was. Men geloofde immers dat die vrouw kon toveren. Toen in de familie die aan de toveres een huis verhuurde, een kind werd geboren, werd de toveres op straat gezet door een deurwaarder. De boer voor…
De eigenares van Hof ter Hille, gelegen op de weg naar Oostduinkerke, ging op een dag met de koets haar huurder bezoeken. Op zo'n dertig meter afstand van Hof ter Hille, sprak de koetsier: "Met Gods genade en Gods wil zijn we al gauw op Hof ter…
In Brugge stond een bespookt huis waarvoor men geen enkele huurder kon vinden. Iedere nacht verscheen een man met een slaapmuts vóór één van de ramen. Op een dag vond iemand de slaapmuts achter een ingebouwde kast. Nadat men de muts had verbrand,…
Een tovenaar verhuurde een huis in Oostduinkerke. De tovenaar was peter van het meisje dat in dat huis woonde. Toen dat meisje trouwde, was de tovenaar ook aanwezig op het feest. Tijdens de maaltijd liet de tovenaar een zeug langs het raam naar…
van zaterdag 27 juli 1968 t/m maandag 07 oktober 1968
Na dood van één van de broers worden huurders voor de begrafenis uitgenodigd. Ze mogen niet in een rij achter de baar lopen, en krijgen allen een zilveren lepel met inscriptie.
Verhuurder van boerderij vertelt nieuwe huurder dat er een terugkerende dode in de gedaante van een zwarte hond langskomt. Huurder denkt niet bang te zijn, maar vraagt de volgende avond toch om de hond van de verhuurder.