Drie jonge mannen uit Oeselgem stonden te spotten met een beeld van Christus aan het kruis. Binnen anderhalve maand zijn de mannen alledrie gestorven: de ene in een gracht, de tweede heeft zich opgehangen en de derde is verongelukt.
De wandelende Jood was iemand die gespot had met Onze Lieve Heer en voor straf moest blijven ronddolen zolang de wereld bleef bestaan. De wandelende Jood heeft ook in de buurt van Poperinge vertoefd.
Een boer uit Oostduinkerke sprak onderweg tot zijn reisgezel: "Met Gods wil zijn we bijna op onze bestemming". Daarop sprak de andere:"Zonder Gods wil zullen we er ook geraken!" Het volgende ogenblik zakte de koets in de grond.
Een koetsier die een boerin naar huis bracht, sprak onderweg: "Als het God belieft, dan zijn we er!" Daarop antwoordde de boerin: "Als het God niet belieft, dan zijn we er ook!" Daarop zakte de koets met paard en kar in de grond. De koetsier heeft…
Een knecht bracht met de paardenkar een kasteelheer thuis. Toen onderweg een hevig onweer losbarstte, sprak de knecht tot de kasteelheer: "Met Gods wil zullen we wel thuis geraken". Daarop zei de kasteelheer: "Met Gods wil of niet, we moeten er…
In een café tussen Kwaadmechelen en Oostham waren enkele mensen de godsdienst belachelijk aan het maken. Op dat ogenblik kwam de kettinghond plots binnen. Sindsdien durfde niemand meer in het café te komen.
De rovers van de bende van Bakelandt werden na hun arrestatie naar het schavot gebracht. Bakelandt werd als laatste onthoofd. Hij wilde bovendien geen priester zien en zei: "Als er een God bestaat, dan zal ik dat straks wel zien". Wanneer Bakelandt…
Een boer en een boerin kwamen om twaalf uur 's middags terug van de markt. De boer zei: Als het God belieft, dan zijn we bijna thuis". Daarop antwoordde de boerin: "Of het God belieft of niet, we zijn in ieder geval bijna thuis". Het volgende…
Een boerin uit Wulpen reed met paard en kar ergens naartoe. Onderweg sprak de koetsier: "Met Gods wil zijn we er bijna", waarop de boerin antwoordde: "Met Gods wil of zonder Gods wil, we zijn er in ieder geval bijna". Het volgende ogenblik zakte de…
In Jabbeke stond vroeger een kasteel waarin een goddeloze man woonde. Toen de man op een dag naar het dorp ging om te drinken en zich schuldig te maken aan godslaster, kwam hij de pastoor tegen. De man sprak tot de geestelijke: "Ik geloof niet in een…
Een man die omstreeks middernacht terugkwam van zijn werk op een veld in Aalbeke, zag bij de hoge brug niet ver van het kasteel een licht dat van het kruisbeeld in de richting van het kasteel bewoog. Toen de man voorbij het kasteel kwam, was het…
De knecht van een boerderij in Eggewaartskapelle moest met de huifkar de boerin gaan ophalen. Toen het gezelschap op de weg van Nieuwpoort naar Eggewaartskapelle was, barstte er een hevig onweer los. Een tijdje later was de huifkar bijna bij de…
De eigenares van Hof ter Hille, gelegen op de weg naar Oostduinkerke, ging op een dag met de koets haar huurder bezoeken. Op zo'n dertig meter afstand van Hof ter Hille, sprak de koetsier: "Met Gods genade en Gods wil zijn we al gauw op Hof ter…
Een man sprak tot diegene die hem vergezelde: "Als het God belieft, dan zijn we er bijna". Daarop antwoordde de andere: "Of het God belieft of niet, we zullen er toch geraken!" Het volgende ogenblik zonken de twee mannen weg in een bodemloze put. Ze…
Abel Pollet was de leider van een roversbrende uit Hazebroek. Op een dag vermoordden de rovers in Krombeke een man die twee varkens had verkocht. De rovers waren uit op het geld dat de man had verdiend door de verkoop van de varkens. De…
Een man die terugkwam van een jachtpartij, ging samen met een vriend nog een glas drinken in een café. De man. In een dronken bui richtte de man zijn geweer op het kruisbeeld dat tegen de muur hing en zei: "Ik zal die eens van zijn kruis schieten!"…
Een koetsier die met zijn bazin bij slecht weer terugkwam van de markt, zei: "Als het God belieft, dan zijn we er bijna". Daarop antwoordde de bazin: "Of het God belieft of niet, we zijn er bijna!" Het volgende ogenblik zakte de koets weg in een put.
Een man uit Eigenbilzen had een oud vrouwtje een aalmoes gegeven. Toen het vrouwtje dankbaar zei: "God zal het je lonen", antwoordde de man: "Och, ga toch weg met die God van jou!" Nadat de man was gestorven, moest hij terugkomen om te spoken. Het…
Een boer en een boerin uit Oostduinkerke kwamen samen terug van de markt. Toen ze bij het hek waren, zei de boerin: "Als het God belieft, dan zijn we thuis". Daarop antwoordde de boer: "Of het God belieft of niet, we zijn in ieder geval thuis!" Het…