Men geloofde dat Kludde met zijn keet een hond was, maar in werkelijkheid was het een mens die op handen en voeten rondliep met een bel rond zijn nek om anderen bang te maken.
Een timmerman had twee nagels in zijn jaszak, waarvan de voering was gescheurd. Onderweg hoorde de man het gerinkel van de nagels. Hoe sneller de man liep, hoe sneller de geluiden elkaar opvolgden. Daardoor werd de man zo bang dat hij bij zijn…
Kludde met zijn keet was iets waarmee men de kinderen 's avonds bang maakte. Als men gerammel op straat hoorde, dan sprak men tot de kinderen: "Pas op, want Kludde met zijn keet komt eraan en die zal jullie meenemen!"
Een meisje had één van haar vrienden al vaak horen vertellen over Klerre met zijn keet, die voorbijgangers meenam. Op zekere dag moest het meisje eten gaan brengen naar de mensen die op het veld werkten. In de Mankevosstraat hoorde het meisje plots…
Een meisje kreeg vroeger altijd van haar ouders te horen: “Loop ’s avonds niet door dat smal steegje, want daar zit Kludde met zijn keet”. Men geloofde dat Kludde voorbijgangers op de rug sprong. Mensen die door Kludde waren besprongen, moesten hem…
Op een boerderij in Opwijk hoorde men Klerre met zijn keet 's nachts altijd rammelen. Op een nacht stak de knecht met een mestvork naar Klerre. Hij wist echter niet dat Klerre een andere knecht was, die een laken over zijn hoofd had gegooid.
Een jongen vertelde in het café dat hij niet bang was voor Kludde. Toen de man naar huis ging, werd hij het slachtoffer van enkele grapjassen die zijn stoere praat hadden gehoord, en die zich met een laken en een ketting als Kludde hadden verkleed.…
Op afgelegen straathoeken rammelden kwajongens vaak met kettingen, zodat de mensen zouden denken dat Klerre met zijn keet op pad was. Soms vielen die jongens voorbijgangers aan. Ze stalen soms geld van de mensen of lieten zich door hen dragen.
In een café in Heikruis had men op een avond over Kludde gesproken. Eén van de mannen had het café verlaten en was achter een huis gaan staan met een ketting in zijn hand. Toen een andere man daar later op de avond voorbij kwam, hoorde hij gerammel…
Een man had in een café in Lembeek gezegd dat hij niet bang was voor Kludde met zijn keet. Toen de man naar huis ging, werd hij echter besprongen door één van zijn vrienden die voor de grap kettingen rond zich had gehangen. Zwetend van angst kwam de…
Kludde was een dronkaard die waggelend rondliep.
Een vrouw die een muts met belletjes droeg, schrok van het gerinkel van de belletjes tijdens het lopen en was doodsbang.
De mensen durfden 's avonds niet bij de Duivelsborre tussen Alsemberg en Dworp te komen, omdat Kludde met zijn keet daar zat en omdat het er soms spookte. In de jaren veertig heeft men de Duivelsborre dichtgemaakt.
Kludde was een grote hond met een…