Een voddenraapster uit Torhout gaf de kinderen vaak suikerspekjes. Wanneer de kinderen na het eten van dat snoepgoed ziek werden, geloofden de mensen dat hun kinderen door die heks waren betoverd.
Een meisje had van een vrouw een suikerspekje gekregen. Nadat het kind het snoepgoed had opgegeten, gedroeg het zich bijzonder onrustig. De moeder van het meisje ging te rade bij de paters, die het kind overlazen. De vrouw die het suikerspek had…
Een jongetje stond bij de deur toen er een toveres uit Klerken voorbijkwam. De jongen kreeg een suikerspekje van de toveres, maar kreeg daarna stuipen.
Een kindje ging in een winkel suikerspek kopen. Toen het kind buitenkwam met het snoepgoed, ging het op de grond liggen en begon te huilen. Omdat de winkelierster het kind de kwade hand had gegeven, kwam de pater het kind overlezen.
In Lanaken woonde een heks die overal ging leuren. De heks had altijd snoep in haar zakken om de kinderen te lokken. Op een dag was er een kind gestorven in een huis waar de heks was geweest. Onder de matras waar het kind op sliep, vond men een…
Paul ging met zijn kinderen naar de winkel van Filomien van de koster, een heks. Toen de heks aarzelde om de kinderen snoep te geven, zei Paul: "Geef maar, hoor!" Filomien reageerde stomverbaasd: "Maar Paul, ben je dan niet bang voor mij?"
Een heks uit Veldegem had altijd een mand bij zich, die gevuld was met suikerspekjes om uit te delen aan de kinderen. De meeste moeders wilden niet dat hun kinderen van dat spek aten omdat ze geloofden dat de kinderen op die manier betoverd zouden…
In Lanaken woonde een heks die de kinderen vaak lokte met snoepjes en drankjes. In het kussen van het kind vond men dan een krans. Wanneer de krans gesloten was, stierf het kind.
Een kind had een snoepje gekregen van een oude vrouw. De moeder verbood het kind om het snoepje op te eten, omdat ze vermoedde dat de vrouw een heks was.
In Rillaar woonde een vrouw over wie men vertelde dat ze een heks was. Die vrouw kreeg vaak bezoek van kindjes die bij haar een snoepje kwamen kopen. Nooit heeft de vrouw één van die kindjes kwaad gedaan. Het was haar buurvrouw die gemene praatjes…
Twee kinderen die rond de Sinterklaasperiode in hun bed lagen, hoorden dat er op het raam werd geklopt. Jantje en Mietje werden wakker en zagen een lange ladder staan, die van bij hun raam tot in de hemel reikte. De kinderen beklommen de ladder, waar…
Vroeger drukte men de kinderen op het hart dat ze nooit iets mochten oprapen dat op de grond lag. Als de kinderen bijvoorbeeld een haarspeld of een veiligheidsspeld hadden opgeraapt, konden ze betoverd zijn. Ze mochten ook nooit snoep van een…
Een heks die naar de winkel was geweest, legde haar suikerspekjes op een plaats waar kinderen gemakkelijk bij konden. Nochtans hadden de meeste ouders niet graag dat hun kinderen daarvan aten omdat ze geloofden dat het kwaad ermee gemoeid was.
Een kind was ziek geworden nadat er een vrouw uit Wezent op bezoek was geweest. Uiteindelijk is het kind gestorven. In het kussen vond men een krans die gesloten was.
Heksen lokten kinderen vaak met snoepjes.
Enkele kinderen waren behekst geraakt nadat een vrouw hen had gestreeld en hen suikerbollen had gegeven. Nadat de moeder van de kinderen naar de paters van Jex was geweest, kwam er verbetering in de situatie. Sindsdien heeft de heks nooit meer…
Enkele kinderen hadden van hun moeder de raad gekregen om geen snoep aan te nemen van een bepaalde vrouw uit het dorp. De kinderen namen de snoepjes toch aan en bleven ongedeerd.
Een meisje kreeg buikpijn nadat ze snoepjes had gekregen van een buurvrouw. De moeder van het kind gooide de snoepjes in de kachel. Haar zoon had bovendien dezelfde ziekte als een varken uit het varkenshok. De moeder liet de kinderen overlezen. Ze…
Op een dag had Sus P. een heks uitgelachen, waarop de toverkol had geantwoord: "Wacht maar, ik zal je eens een lesje leren!" Toen Sus terugkwam van de kermis, raakte hij verdwaald doordat hij had gegeten van de snoepjes die hij van de heks had…
In Genebos en in Molem (1) woonden twee heksen. De heks uit Molem droeg lange kleren en een hoofddoek. Het was een arme vrouw die ging leuren en bedelen en die de kinderen op de kermis snoepjes wilde geven.
In Koninksem woonde een heks die 'Kwakkelgon' werd genoemd. Die heks deelde vaak snoepjes uit aan de kinderen. Op een dag kon een jongetje uit het dorp opeens muisjes maken. Tijdens de catecheseles vertelden de kinderen dat aan de pastoor. Daarop…