Een man die naar huis wandelde, zag tussen Koninksem en Lauw een vuurbol die het hele veld verlichtte. De man begon sneller te lopen. De vuurbol volgde hem en verdween dan.
Stalkaarsen zaten in de moerassen op de bomen. Vroeger vertelde men dat de stalkaarsen op Aswoensdag in de Lange Wei zaten. Naar een stalkaars mocht men niet wijzen, want anders kwam ze op je vinger zitten. Stalkaarsen waren bolletjes vuur.
Enkele mensen die op bezoek gingen bij Martinus K., zagen onderweg een vuurbol. Eén van de mannen floot naar de vuurbol en liep dan snel naar Martinus' huis. De volgende dag stonden de klauwen van de schoofert in de deur gebrand.
Men vertelde dat de vuurman altijd door het Hol-ven van Opoeteren naar 't Louwel ging. Een jongen die in Opoeteren naar de kermis was geweest, zag op de terugweg een vuurbol. De jongen was zo verschrikt dat hij naar huis liep zo snel hij kon. Zijn…
Bij de inhuldiging van een pastoor of een burgemeester, maakte men soms vuurwerk. De kleine vuurbolletjes die daarbij ontstonden, werden door de mensen voor spokerij gehouden.
Een man die op zaterdagavond terugkwam van zijn werk in Luik, schrok zich haast dood toen hij tussen Sledderlo en Camerlo een vuurbol zag. Plots was de vuurbol weer verdwenen. Vuurbollen waren in werkelijkheid gassen.
De vuurman kwam van het kasteel van Hüvenärs via Colmont naar Herk. Op een dag had Hans C. naar de vuurman gefloten en met een mestvork naar hem gewenkt. Toen er een dikke bol vuur uit de beemden tevoorschijn kwam, haastte Hans zich naar binnen. …
In Geluveld zag iemand 's avonds een vuurbol van het Engels kerkhof naar het bos rollen. Iedere avond gebeurde datzelfde opnieuw. Het zou iets met de soldaten te maken hebben gehad.
Op een avond maakte een baas met zijn knecht Pierre een wandeling op 't Achterste Joppen in 't Roren in Opoeteren. Toen het tweetal in de verte een vuurbol zag, zei Pierre: "Daar is de vuurman. Zal ik eens naar hem fluiten?" De baas vond het…
Een jongen reed samen met zijn vader met de hondenkar naar Ternat. Bij de spoorweg onder de brug naar Brussegem, zag het tweetal plots een rode vuurbol vliegen, die driemaal zo groot was als de zon. Die vuurbol was de duivel.
De vuurman was niets meer dan een rondvliegende bol vuur. Wanneer men de vuurman met rust liet, deed hij niemand kwaad. Een man die op de heide woonde, zag op een dag een vuurman en floot ernaar. Daarop vloog de vuurman onmiddellijk in de richting…
Een klusjesman wandelde 's avonds naar huis terwijl hij een pijp rookte. De pijp was echter uitgegaan en de man had geen lucifers bij zich. Plots zag de man in de verte een smeulend vuurtje. Toen hij zijn pijp aan het vuur wilde aansteken, sprong…