Een toverheks woonde in Rijswijk en de mensen waren daar zo bang, dat ze via de andere kant van de dijk gingen. Ze waren bang om opzij gezet te worden, met paard en wagen van de dijk.
Er was een vrouw en dat was een toverheks. Elke keer viel er een wiel van de wagen en ging de wagen over de kop. En je mocht ook nooit een appel aannemen van een toverheks.
Vlakbij Culemborg was er een dorp dat Paveien heette. Door ruzie tussen die twee plaatsen, hadden de Culemborgers de dijk doorgestoken, waardoor Paveien weggespoeld werd.
Het dijkwiel is gekomen voor de doorbraak in 1906. De kerk is verdwenen en het kasteel is ook weg. Ze zeiden dat je de toren nog kon zien als het helder water was.
Iemand uit Woerkom kwam over de dijk en daar liet een vrachtrijder zijn paarden lopen. Dat mens zag iets en zei goedenavond. Maar later bleek dat hij de paarden goedenavond had gezegd.
's Avonds waren er wel eens een soort zwarte honden. Er gaat hier een verhaal dat er een man over de dijk liep en ineens iets zag. De nek van die man werd gebroken door de duivel!
Een vrouw die bij de dijk woonde, liet mensen van de dijk afrijden. Elk ongeluk gebeurde door dat vrouwtje. Ze had appels in een mand gehangen en als er weer eens iemand van de dijk viel, ging de appel leven en werd het een pad.
Een man die met de helm geboren was liep op de dijk toen hij door een begrafenisstoet opzij werd gezet. Die begrafenisstoet was van een man die pas de volgende nacht kwam te sterven.