In de buurt van Kessenich en Maaseik was een roversbende actief. Op een dag slaagde de drossaard erin de bendeleden op te pakken en hen te laten ophangen op de Galgenheuvel. Toen Jan O. als laatste werd opgehangen, zei hij: "Al mijn vrienden zijn…
Op het Hobos, waar de drossaard had gewoond, stonden nog veel galgen waaraan onschuldige mensen waren opgehangen. Het spook van de drossaard was verbannen naar een brug tussen Kerkhoven en 't Kamp. Een meisje dat over de brug wandelde, hoorde…
De rovers van Bakelandt vertoefden vaak in herbergen in het Vrijbos. De rovers hielden zich schuil in spelonken. In de Malanedreef waren drie holen waar de rovers gingen rusten. In de Krommedreef hielden de rovers bijeenkomsten om de plannen voor hun…
Bij de zwarte lindebomen naast het kasteel van Diesveld zouden vroeger veel mensen zijn opgehangen. Later kon men 's nachts bij die linden veel doodkaarsen zien, die van de ene boom naar de andere sprongen. Een broeder die op een nacht voorbij die…
Een vrouw die geen raad wist met haar ongehoorzame veertienjarige zoon, vroeg aan de drossaard van Stokkem om eens met de jongen te praten. De drossaard kwam en hing de jongen met een touw op aan de deur. "Jamaar, zo meende ik het niet, zei de…
's Nachts ontmoetten de vrijmetselaars elkaar vaak in Luik. De bijeenkomst vond plaats in een groot herenhuis aan de berg dicht bij de Place Saint-Lambert. De vrijmetselaars ondertekenden met bloed een overeenkomst met de duivel in ruil voor geld. …
Een boerin die een koe had verkocht, had het dier vastgebonden aan de muur. De volgende ochtend was het dier opgehangen zonder dat men wist hoe dat gebeurd was. De boerin ging te rade bij de paters van Steenbrugge die zeiden: "Ga terug naar huis.…
Een zoon wiens vader zich had opgehangen, was aan het werk in de tuin van de pastoor. Op zekere dag vroeg de zoon aan de pastoor: "Zou het niet kunnen dat mijn vader in de hemel is?", waarop de geestelijk antwoordde: "Dat kan net zo min als dat deze…
Een handelaar uit West-Rozebeke die terugkwam van de markt, ging binnen in een herberg waar hij met enkele anderen een kaartspel speelde. Wat de handelaar niet wist, was dat er in de herberg vier rovers van de bende van Bakelandt zaten. Toen de…
Nolleke van G., de kapitein van de bokkenrijders, bezat een kleine herberg in Hasselt. Al wie lid wilde worden van de bokkenrijders, moest met bloed zijn handtekening zetten. Een meisje was verloofd met een jongeman die stiekem lid was van de…
Op Siemkesheuvel werd een bokkenrijder opgehangen, die zijn pijp nog in de mond had. Toen de strop plots brak, ging de bokkenrijder snel zijn pijp oprapen en zei: "Verdomme, met zulk geklungel zou mijn pijp nog uitgaan!"
Tijdens de oorlog ging een jongen van zeventien of achttien jaar bij de leider van de getuigen van Jehovah uitleg vragen over de bijbel. De jongen moest luisteren en mocht geen vragen stellen. "Als je vragen begint te stellen, dan zal je ervoor…
Aan de galg werd een man opgehangen, die men Boon-Pee noemde, omdat de man altijd graag bonen had gegeten. De dag nadat men Boon-Pee had opgehangen, was in het veld een boer aan het maaien. Toen de boer 's middags zijn bonensoep at, zei hij:…
In Noordschote had men laten weten dat een bepaalde boerderij zou afbranden. Op die boerderij had men nochtans gevaarlijke honden. Diezelfde nacht brandde de boerderij helemaal af. De honden waren opgehangen aan de hekken.
Een man had zijn ziel verkocht aan de duivel. Toen zijn tijd om was, wandelde de man een hele nacht rond, terwijl de zweetdruppels van zijn gezicht rolden. Bij het aanbreken van de dag heeft de man zich opgehangen.
F., de leider van de bokkenrijders, ging altijd kijken wanneer er iemand werd opgehangen. Op zekere dag werd F. zelf ook opgepakt, hoewel hij beweerde onschuldig te zijn. Op de pijnbank bekende F. schuld, maar daarna ontkende hij weer. De man…
Twee leurders gingen 's avonds vragen of ze op een boerderij mochten overnachten. Toen de boer de mannen de plaats ging tonen waar ze mochten slapen, werd hij door de leurders opgehangen aan een ladder. Daarna hebben de leurders op die boerderij nog…
In het verzonken kasteel in Pittem woonden vroeger Tempeliers. Ze leefden als rijke heren en hadden slaven die werden opgehangen als ze niet gehoorzaamden. Op een dag heeft een Vlaamse graaf de Tempeliers verjaagd en hun kasteel vernield.
De eigenaars van de Vurtense molen hadden twee ossen verkocht. Omdat de knecht dat had rondgebazuind, werd de molenaar op een avond overvallen. De rovers beukten de deur in en riepen: "Geld afgeven!" De molenaar herkende in één van de rovers zijn…