Vroeger zou de zee tot in Bekegem zijn gekomen. Ooit zou op die plaats een schip zijn vergaan, waardoor men daar later een café heeft gebouwd met de naam: ''t Schipleed'.
In het Appelarenbos in Hoepertingen stond een dikke eik die 'de Méas-eik' werd genoemd. Omdat de boom was genoemd naar Mars, een god die veel kwaad heeft aangericht, durfden de mensen aanvankelijk niet in het Appelarenbos te komen. Omstreeks 1900…
Omstreeks de zeventiende eeuw onstond er in Spouwen door de droogte een scheur in de grond, die het dorp in twee ongelijke delen verdeelde. Vandaar de namen Groot-Spouwen en Klein-Spouwen.
De Klokkemstraat in Sint-Truiden heette vroeger 'Kloppemstraat'. Toen de toren van de Onze-Lieve-Vrouwekerk was omgevallen, rolden de klokken echter tot in de Kloppemstraat, die vanaf dat ogenblik 'Klokkemstraat' werd genoemd.
Vroeger werd het dorp Ketsingen 'loze bodem' of 'gulden bodem' genoemd. Vreemde troepen hebben het dorp overvallen. Hun generaal werd in het dorp vermoord. Toen de troepen later terugkwamen, waren de dorpsbewoners bang dat men de moord op de…
Twee jongemannen uit Waltwilder waren verliefd op hetzelfde meisje. Toen het meisje met een andere man trouwde, kwam het tot een gevecht tussen de drie mannen. Op de plaats waar de mannen elkaar hadden doodgeslagen, werden drie kruisen gezet. …
In Mannekensvere stond een schuur die door de Tempeliers 'de Koude Schuur' werd genoemd, en die deze naam heeft behouden. Later heeft het erg gespookt in die schuur.
In Hoepertingen stond een dikke boom die aan de god Mars was gewijd. De boom werd dan ook de 'Méas-eik' genoemd. Men geloofde dat de geesten van de god Mars plechtigheden hielden rond die boom.
Op een brug in Hoboken stond een kind dat zijn boterham in het water liet vallen. Daarop riep het kind: "Ho, booke!", om zijn boterham tegen te houden. Door dat voorval heeft de stad Hoboken zijn naam gekregen.
Een voorbijganger vroeg aan iemand: "Hoe heet het dorp waar ik nu ben?", waarop de man antwoordde: "Roy, meneer" (dialect voor "Raad eens, meneer"). Zo is de naam Roy ontstaan.
Op de grens tussen Jabbeke, Snellegem en Zerkegem waren drie cafés met de namen: 'Den Osse', 'Den Ezel' en ''t Schipleed'. Op de plaats waar dat laatste café stond, zou ooit een schip zijn vergaan.
De plaats waar de Noormannen hun kamp hadden opgeslagen, werd later nog altijd 'Kempke' genoemd. In het Paardenveld heeft men nog hoefijzers van de paarden van de Noormannen opgegraven.
Op de Duivelsborre stond een groot kasteel waar men vaak zat te kaarten. Toen men op zekere dag nog een vierde man nodig had om te kaarten, riep men dat de duivel mocht komen. De duivel verscheen en het kasteel is verzonken in een put die de naam…
In Aldeneik stond een boerderij die 'het Klauwenhof' heette. De heilige Harlindis en Relindis hebben vroeger bij de Maas 'klauwe' (stenen?) gehaald om hun kapel te bouwen. Toen ze langs de Groene Weg bij de Luegebrug (?) kwamen, veranderden de…