Waterduivels waren grapjassen die zich met een laken en een ketting onder een duiker verborgen om voorbijgangers bang te maken. Een grapjas die in Syslo onder een duiker zat, werd bijna doodgeslagen door een voorbijganger die een dorsvlegel bij zich…
Twee vrienden die naar Gistel gingen, zagen onderweg een doodskist op een duiker staan. De doodskist stond met de voorkant in de richting van Westkerke. Toen de mannen later op de dag terugkwamen, stond de doodskist er nog steeds, maar deze keer met…
Twee vrouwen en een man die in het donker bij een witte duiker kwamen, zagen een grote zwarte hond liggen. De man wilde naar de hond schoppen, maar hij mocht niet van zijn vrouw. Wat verderop hoorden de mensen een plons. Het was de waterduivel die in…
Bij de Diksmuidse heirweg was een grote duiker waarin de bende van Baekeland zich ooit heeft schuilgehouden. In die duiker vond men later haken van moordenaars.
Bakelandt vertoefde in de bossen tussen Wijnendale en Brugge. De bende van Bakelandt was actief in Ichtegem, Koekelare en Werken. Een vrouw ging altijd slapen bij een boer in Edewalle en sprak tot de boer: "Jij zal nooit last krijgen met de bende van…
In de Moordenaarsduiker onder de Diksmuidsesteenweg hingen haken waaraan moordenaars zich vastmaakten wanneer ze op de vlucht waren en moesten schuilen.
Achter de Koekoeksbeek zat een waterduivel met een ketting rond zijn nek. Bij de 'pastersen wal' (?) sprong de waterduivel uit de haag. Het was altijd dezelfde waterduivel die langs de duiker van de ene kant naar de andere liep.
Een man die door het bos wandelde, hoorde bij het klein duikertje roepen: "Zet ik dubbel, 't is dik, zet ik 't enkel, 't is dun". De man antwoordde: "Zet het lap op lap" en viel vervolgens in de beek.
Achter de Diksmuidsesteenweg op de weg naar Sint-Andries lag een duiker. In die duiker hing een boot aan haken tegen het plafond. Men vertelde dat duivels of moordenaars zich in die boot schuil hielden.
Wanneer de mensen vroeger naar huis gingen, kwamen ze vaak een hond met een ketting tegen, die voorbijgangers in het water gooide en hen er even later weer uit haalde. Dat was de waterduivel.
De waternekker was veel wreder van aard en hij vertoefde…
Een vrouw die haar aardappelen had gerooid, stelde de volgende dag vast dat de aardappelen uit de greppel waren verdwenen. Bakelandt, die achter de Vossebeek vertoefde, had ze gestolen. De bendeleider sliep in een trog die in een duiker hing. Bij de…
De bende van Pollet hield zich schuil onder een duiker achter de weg naar Brugge. Aan die duiker hangen nog steeds de haken waaraan de bendeleden hun bed ophingen.
Bakelandt hield zich schuil onder de Moordenaarsduiker in Heidelberg. Bij die duiker spookte het zo erg dat boeren hun paarden er soms niet over kregen.
Bakelandt en zijn rovers vertoefden in Tjoenkershove in het Vrijbos. Ze hadden daar kuilen en duikers gemaakt zodat niemand daar voorbij geraakte. Sommige rovers gingen op boerderijen werken om de gang van zaken daar te leren kennen ter voorbereiding…
Bij de duiker woonde een visverkoopster die een slechte reputatie had. Wanneer de vrouw iemand zal voorbijkomen die ze niet kon luchten, zorgde ze ervoor dat een zwart konijn vóór de voeten van de voorbijganger liep. In werkelijkheid was dat konijn…
In Kotem was vroeger een holle weg met modder. Wanneer men daar met paard en kar voorbijreed, begon het paard te steigeren. Wat verderop 'in de duiker' spookte het ook.
Enkele jonge mensen die op stap gingen, kwamen op een duiker een katje tegen en namen het dier mee. De kat werd alsmaar zwaarder en zwaarder tot ze op zeker ogenblik in het water sprong en riep: "Ik heb jullie gehad hè!"
Tussen Maasmechelen en Opgrimbie was een duiker in het veld, waar geen enkel paard over kon. De paarden begonnen te zweten omdat ze werden tegengehouden door een weerwolf. Wanneer men een kruisteken over de weg maakte, liep de weerwolf weg en kon…