Twee zussen waren in Geluveld gaan biechten. Op hun weg naar huis werden de zussen achtervolgd door door een lichtje. De meisjes durfden niet naar het licht te wenken, want hun vader zei altijd: "Laat alles met rust wat jou met rust laat". De moeder…
Bij de Zeveneeke in een bos in Anzegem kwamen zeven wegen bij elkaar. Op die plaats heeft het vroeger gespookt. Op een bepaald uur van de nacht verschenen daar lichtjes en zwevende mensen die men niet kon aanraken.
Een jongen die met zijn vader in het bos wandelde, vond twee hoefijzers op de grond. De jongen moest van zijn vader de hoefijzers onmiddellijk weggooien. Hoefijzers waren immers een bewijs dat er op die plaats een heks was voorbijgekomen.
In het Stienoventje (bos in Meulebeke) zat een haas die door niemand kon neergeschoten worden. Op een dag ging een man naar een pater om twee kogels te laten wijden. Toen de man met de gewijde kogels schoot, raakte hij de haas weer niet. Er was wel…
Enkele jongens die in het bos hout gingen hakken, kwamen de heks Stans R. tegen. Stans vroeg: "Wat hebben jullie allemaal bij?", waarop de jongens antwoordden: "Alleen maar een bijl en een zaag om hout te halen." Toen de jongens bij het bos kwamen,…
Een man ging tijdens de oorlog peren plukken om wat geld te verdienen. Tijdens de pauze rookte de man een pijp. Toen hij zijn pijp klopte, brak ze echter. Daarop sprak een heks die daar in de buurt zat: "Wat scheelt er? Is je pijp gebroken? Dat is…
Nolleke van G., de leider van de bokkenrijders, had in de buurt van het huis van S. in Hasselt een kleine herberg. In zijn herberg organiseerde Nolleke danslessen, waar tientallen jongens op af kwamen. Wanneer de jongens éénmaal in de herberg waren…
In het bosje bij de Wulfsputten van Wielsbeke bewoog om middernacht een lichtje van de ene boom naar de andere. De mensen vertelden dat de moeder van Minne G. haar dode man zo door de lucht deed zwieren. Die man was al jaren dood.
Overdag liepen de rovers van de bende van Bakelandt rond in het bos. Ze gingen op verkenning als voorbereiding voor hun nachtelijke rooftochten. Op een dag waren twee mannen weg naar de mis in Langemark. Omdat ze nogal lang wegbleven, moest de knecht…
Een boswachter zag in het bos een vreemd dier dat leek op een ree en dat grote sprongen maakte. Doodsbang liep de boswachter weg. "Op die plaats kom ik nooit meer", besloot hij.
Een man ging op Sacramentsdag langs de Leeuw naar Opoeteren. De man raakte verdwaald en liep wel driemaal rond eenzelfde bos, dat Dongelroot werd genoemd.
Iemand anders is ooit op dezelfde plaats verdwaald omdat hij een haas had gevolgd.
Een man die in het bos van Wijtschate wandelde, kreeg plots een slag en een schop tegen zijn achterste. Toen de man achteromkeek, was er echter niemand te zien. Het moet toverij zijn geweest.
Enkele mannen, onder wie Kupke L., gingen een borrel drinken bij Haagdoren. Toen ze naar huis gingen, sprak Kupke bij een bos: "Als hier iets zit, dan moet het zich maar laten zien!" Daarna was Kupke op slag nuchter. Hij heeft nooit willen…
De bende van Bakelandt verbleef in een spelonk in het bos van Houthulst. De rovers hebben in de streek van Houthulst en Torhout veel diefstallen gepleegd en veel mensen mishandeld. Wanneer ze een inbraak pleegden, boorden de rovers een gat in de deur…
Op de weg naar Kiewit woonde een heks. Een man die met een overvolle kar hout uit het bos kwam, ontmoette de heks, die zei: "Daar kom je niet ver mee! Je zal nog niet halfweg tot bij Leoneke geraken!" De man negeerde de waarschuwing van de heks. …
In een bos in Lichtervelde vertoefde een ridder die voorbijrijdende koetsen overviel. De ridder was verliefd op een meisje dat in het kasteel woonde met haar oude vader. Toen het meisje wilde dat de ridder met haar trouwde, weigerde deze laatste…
Een man die 's avonds door het bos naar huis kwam, raakte verdwaald door het volgen van blauwe lichtjes die door de lucht vlogen. De man liep de hele tijd in een kringetje en vond pas de volgende ochtend zijn weg terug.
Weerwolven waren mensen die door het plegen van misdrijven uit de maatschappij waren verbannen. Ze moesten dan in de bossen zien te overleven door te stelen en te plunderen.
De bende van Bakelandt heeft veel kwaad aangericht. Vroeger strekte het Vrijbos zich uit van Staden, Merkem en Houthulst tot aan het station van Poelkapelle.