Een schipper merkt dat zijn schip vaak ineens los ligt. Als hij op een avond eens terugkomt van een feest, is het hele schip verdwenen. De schipper ziet daarna twee geesten ronddolen. Het zijn de geesten van twee kleine kinderen die vroeger op die…
Een jager en zijn hond stuiten plotseling op een zwart ding. De hond durft er niet langs. Het zwarte ding verdwijnt even plotseling als het verschenen is. Het is een spookding.
Op een spookplaats waar vroeger een slot stond spookt een oude heer rond. De oude heer heeft vroeger een schat begraven in de grond. Nadat hij de schat begraven had, reed hij achterstevoren op zijn paard terug om de plaats waar de schat begraven lag…
Op een spookplaats zit een kist goud in de grond. De eigenaar van de schat is vroeger vermoord. De dode is altijd rusteloos blijven rondspoken op de plaats waar zijn schat in de grond zit. Het lukt niemand de kist op te graven: de kist zakt steeds…
Man ziet op spookplaats iemand aankomen die op zijn schoonzuster lijkt, en wegloopt als hij haar naam zegt. Hij achtervolgt haar, maar bij een sloot is de gedaante verdwenen.
In bepaalde schuren deugt het niet: overnachtende arbeiders worden zomaar opgenomen en weggesmeten; schuurdeuren klapperen; wagens komen in beweging. Het zijn spookschuren.
Op een bepaalde spookplaats doolt het bekende spook de Lange Sleatterman - vroeger een zondige smid - rond omdat hij geen rust kan vinden. Het spook is de schrik van vele schippers. De dochter van een schipper ziet eens een man op de plecht van het…
Een dronken man slaat aan het vechten met een andere man en gooit daarbij een marktkraam van een koopman om. De koopman dreigt de politie in te schakelen omdat hij zeventig gulden schade zou hebben. De dronkelap biedt de koopman een dik varken van…
Op een spookplaats zit een kist met geld in de grond. Als iemand probeert de schat op te graven, zakt die steeds verder de grond in. Op die plaats spookt een oude heer rond die daar vroeger in een slot gewoond heeft. De schat is zijn eigendom. Het…