Een moeder die al veel van haar kinderen had zien sterven, had weer een kindje gekregen. De vrouw ging naar de paters van Ieper, die haar de raad gaven om de eerste man die de volgende dag op bezoek zou komen, buiten te schoppen. De daaropvolgende…
Op het kerkhof van Houtave liep een kat rond, die men niet kon pakken. Als men naar de kat had geschopt, viel het dier in twee stukken uiteen, die wat verderop weer bijeenkwamen.
Een vrouw ergerde zich aan een kat die de hele tijd rond haar voeten liep. De vrouw durfde echter niet naar het dier te schoppen. Men kon immers nooit weten wat het was...
Een meisje werd altijd geknuffeld door een buurvrouw, die haar een karaf botermelk gaf en zei: "Jij bent toch een mooi kind!" Toen het meisje enkele jaren later met haar fiets in de Koestraat reed, zag ze drie of vier katten uit een holle gracht…
Een man werd 's avonds op de terugweg van zijn werk bij de Kegelsdreef altijd gevolgd door een katje dat hem voor de voeten liep. De man had al vaak geprobeerd het dier te schoppen, maar dat lukte nooit.
Op een boerderij in Osselt (gehucht van Brussegem) leek het alsof de paarden door de duivel waren bezeten. De paarden kregen pijnlijke krampen, waardoor ze op de grond lagen te spartelen en gaten in de muur schopten. De paters zijn de paarden komen…
In Gijzelbrechtegem zag men de geest van een overleden pastoor op de grond liggen. Als men op de geest trapte, zat men er dwars door. Op dag ogenblik zag men de geest ook niet meer.
Een man die op zaterdagavond naar huis wandelde, werd tegengehouden door een in het rood geklede vrouw met een hele groep kinderen. Hoe de man ook schopte of sloeg, hij geraakte er niet voorbij. Even later was de vrouw plots verdwenen.
Een jongen die op een boerderij in de Kerkstraat werkte, kwam onderweg altijd een biggetje tegen. Op een dag had de jongen naar het biggetje geschopt. Het volgende ogenblik zag de jongen echter overal kleine biggetjes.
Een handelaar die door het bos moest gaan, had een grote hond bij zich. "Waarom heb jij die hond?" vroeg Bakelandt aan de man, waarop deze laatste antwoordde: "Door die hond zal niemand mij aanvallen". Op zijn weg naar huis werd de man aangevallen…
Een vrouw die een pad in de gang zag zitten, sprak tot het dier: "Smerige ros, hoe ben jij hier binnengekomen?" en ze gaf het dier een schip. Kort daarop hoorde de vrouw vertellen dat een vrouwtje uit het dorp gewond was.
Een molenaar ging 's nachts vaak in zijn molen zitten, vooral wanneer er veel wind was. In de molen kwam vaak een zwarte kat die tegen de benen van de molenaar wreef. De molenaar werd dat beu en gaf het dier op een dag een flinke schop zodat hij…
De kasteelheer van de Keukaord schopte tijdens een wandeling op het kerkhof tegen een doodshoofd en zei: "Als er nog leven in je zit, kom dan vanavond maar eten bij mij". Diezelfde avond werd er in het kasteel aangebeld. De meid ging opendoen en…
Een man die naar Halle ging, kwam onderweg een toveres uit Bellingen tegen. Toen de man van de toveres een duw had gekregen, schopte hij haar tegen haar achterste.
Een boer had altijd last met een hond. Op een dag ging de man naar een toveres die hem zou kunnen helpen. Onderweg kwam de boer een hond tegen. Hij schopte de hond tegen de snuit, waardoor het dier doodviel. Toen de boer terug thuiskwam, stelde hij…
Een jongen kwam 's nachts terug van een bezoek aan zijn vriendin in Wijgmaal, werd gevolgd door een kat. De man gaf de kier een schop zodat het van de berm rolde. De volgende dag had de moeder van zijn vriendin allemaal schrammen in haar gezicht. De…
Een man kwam samen met zijn knecht terug van Houtkerke waar hij zich had laten scheren. Bij de Paardebrug had de man al vaak vreemde dingen gezien; de ene keer liepen er nonnen in de bossen, de andere keer zag hij een veulen zonder hoofd of met twee…
Op een kruispunt werden alle mensen aangevallen door een hond. Op een dag schopte een man naar de hond, waardoor het dier gekwetst was aan de poten. Omdat de mensen uit de buurt medelijden hadden met de gewonde hond, verzorgden ze het dier. Terwijl…
Enkele meisjes die 's nachts hop gingen plukken, werden gevolgd door een troep katten. "Je mag er niet naar schoppen!" zei één van de meisjes. Opeens waren de katten verdwenen.
In de Compernol zag men vaak een troep zwarte honden. Wie naar de dieren schopte en één van hen had geraakt, moest als straf de hele nacht rondlopen met de voorpoten van een paard op zijn schouders.
Een man die op weg was naar zijn vriendin, werd de hele tijd gevolgd door een hond. Toen de man naar het dier schopte, werd hij door een waterduivel in de gracht getrokken. De man geraakte pas uit de gracht nadat hij een kruisteken had gemaakt.
In de buurt van Kermt woonde een man die van hekserij werd verdacht. Op een dag kwam een fietser een haas tegen, die vóór hem op de weg sprong. De fietser schopte het dier tegen de kop en reed verder. De volgende dag liep in het dorp een man rond,…
Een man die terugkwam van de verffabriek werd vaak gevolgd door een miauwende kat die hem voor de voeten liep. De man schopte naar het dier, maar hij miste altijd. De man was zo bang dat zijn haar recht omhoog stond.