Soms zag men op de garelen in de paardenstal een lichtje. Dat was een stallicht.
Er waren ook mensen die zelf stallichten maakten door een kaars in een uitgeholde biet te zetten.
Vroeger ging men in de hagen vaak uitgeholde bieten met kaarsen zetten, opdat voorbijgangers zouden denken dat ze een stallicht zagen. Men geloofde dat stallichten de zielen van ongedoopte kinderen waren.
Als er iemand overleden was, dan gingen de mensen een biet uithollen om een doodskop van te maken. 's Avonds werd daar een kaars in gebrand en werden er twee stukken hout gekruist voorgezet.
Een dominee slachtte eens een varken. De zondag daarop preekte hij hoe belangrijk het is om goed te doen voor anderen. Zijn vrouw was onder de indruk, en toen de volgende dag een arme zwerver aan de deur kwam, gaf ze het hele varken mee. Toen de…
Op een zondagmorgen zegt de dominee in zijn preek dat mensen met veel geld wat aan de arme arbeiders moet geven. Zijn vrouw hoort dit ook.Zelf heeft de dominee een varken geslacht in in de pastorie in het spekhok gehangen. De volgende morgen is de…