In de Greunstraat in Rekem stond een grote boom. Naast die boom was er een kalkkuil. 's Avonds verscheen op die plaats een witte vrouw. Wellicht was dat iemand die in de kalkkuil was gevallen en daardoor wit was.
De witte juffrouw was iemand die met een laken over het hoofd langs de weg naar Scherpenheuvel zat. Iedereen was bang voor de witte juffrouw, want ze liep naar alle voorbijgangers toe.
Lichtgevende wormen werden door de mensen 'doodkaarsen' genoemd. Dergelijke wormen zag men meestal 's nachts in de bossen. De mensen waren bang voor doodkaarsen.
Op de Dilger achter het kanaal in Rekem waren ondergrondse gangen die het kasteel van Rekem verbonden met dat van Hocht. Op die plaats zou iemand ooit de vuurman hebben gezien. Die zogezegde vuurman was gewoon het licht van mensen die op die plaats…
Een doodkaars was iets dat de verbeelding van de mensen op hol deed slaan. In werkelijkheid was het niets meer dan een boer die met een lantaarn rondliep op zijn erf.
In een huis in de Bredestraat in Tongeren hoorde men omstreeks half twaalf altijd een gebonk op zolder. Op een avond gingen drie dappere broers met een lantaarn een kijkje nemen in het huis. Zo ontdekte men dat het geluid werd veroorzaakt door een…
Omstreeks 1600 hoorde Meeswijk bij Leut. De kasteelheer van Leut had zijn graan gezet op het grondgebied van Meeswijk, zodat de Meeswijkenaren het koren moesten oogsten en naar de heer brengen. 's Nachts kwamen de boeren van Leut het graan echter…
Op de Meisberg stond vroeger een groot kasteel waarin de gezusters Meis woonden. Toen de vrouwen op sterven lagen, wilden ze zo snel mogelijk een geestelijke laten komen. De gemeente waarvan de pastoor het eerst bij hen aankwam, kreeg het kasteel. …
In het bos van Vogelsanck kwam een witte madam spoken. Toen C. terugkwam van Zolder, meende hij in het bos de witte madam gezien te hebben. Achteraf stelde de man vast dat het een witte plank was.
Wie door de maar werd bereden, kon niet meer bewegen en had het gevoel dat er een blok van honderd kilo op hem lag. In werkelijkheid was de maar een stilstand van het bloed.
In Ichtegem was een wijk die 'de Waterhoek' werd genoemd omdat er altijd overstromingen waren. Wat verderop was 'het Puidennest', een plaats waar veel kikkers zaten. Er was ook een stukje bos dat 'De Kattesteert' werd genoemd.
Een man die op een koude winteravond omstreeks elf uur naar huis wandelde, meende iemand te horen roepen: "Vat hem! Vat hem!" Bang versnelde de man zijn pas. Hoe sneller de man liep, hoe vaker hij hoorde roepen: "Vat hem! Vat hem!" De man liet…
Op de Schelfheide in Nieuwerkerken verscheen een spook met een wit laken. De volgende dag kwam er iemand spoken met een rood laken, waardoor het witte spook heel erg schrok.
Vroeger bestond er een verklaring waarin stond dat de honden vlees moesten eten en de mensen beenderen. Op een dag had een hond het blad waarop die verklaring stond, echter ingeslikt. Sindsdien moesten de honden de beenderen eten en de mensen het…
Een vrouw die boter naar Hasselt ging brengen, zag in een moerassig gebied een dwaallichtje uit de gracht komen. Dwaallichtjes verschenen vooral in de buurt van kerkhoven, omdat daar fosfor uit de grond opsteeg.
Het dorp Godsheide heette vroeger 'Gottscheid'. Onze-Lieve-Heer had in dat dorp namelijk eens een boodschap gedaan. Daaraan had het dorp zijn naam verdiend.