Een paard heeft last van nachtmerries. Een koopman raadt aan een zeis boven het dier te hangen en een handvol brood in de manen te strooien. Het paard heeft geen last van nachtmerries gehad.
Jan Hepkes kwam er na een tijdje gemaaid te hebben eens achter dat de voorring nog om de zeis zat. Hij haalde hem eraf en maaide weer verder. Toen leek het opeens alsof er een knik in de zeis zat. Hij had het haarspit van de zeis afgemaaid.
Jan Hepkes was eens aan het maaien. Na een hele tijd vond hij dat het toch wel erg zwaar ging. Toen kwam hij er pas achter dat de voorring nog om de zeis zat.
Sterke Hearke hield de ploeg bij de staart beet.
Hearke trok alleen een vracht mest uit de mesthoop weg.
Op een keer was Sterke Hearke aan het maaien. Hij vond het nogal zwaar gaan, en keek eens achterom. Toen kwam hij er pas achter dat de voorring…
Een man kon heel goed maaien. Op een keer had hij zijn schouw vastgebonden aan de kop van het haarspit. Hij was verbaasd dat de schouw van zijn plek gegaan was. Maar hij had de kop van het haarspit er met zijn zeis afgemaaid.
Jan Hepkes zit altijd op te scheppen dat hij zo goed kan maaien en dat zijn zeis zo scherp is. Op een keer maait hij zomaar van drie haarspitten de kop af.
De Poepen die vroeger in de buurt van Leeuwarden kwamen maaien, hadden heel goede zeisen.
Twee Poepen hebben eens bij een boer een stuk land gemaaid. Eén van hen vergeet als hij klaar is zijn haarspit mee te nemen. Het blijft in het grond zitten.…
Feitse Brants denkt dat hij harder kan maaien dan de duivel. Spoedig krijgt hij gezelschap van een zwarte gedaante, die harder kan maaien dan hijzelf. Om de gedaante te stuiten, steekt Feitse een haarspit in het veld. De gedaante maait echter zonder…
Jelle kan zijn zeis zo goed scherpen dat hij ongemerkt tijdens het maaien de kop van het haarspit heeft afgemaaid. Het haarspit was hij vergeten uit de grond te halen. Nu kan hij de zeis niet meer scherpen en dus niet de twee maal vijftig hectare…
Feitse Brants ging samen met zijn maat gras maaien. Zijn zeis was echter bot, maar hij maaide echter gewoon door. Tevergeefs had Feitse geprobeerd om zijn zeis te slijpen. De koppen van twee aambeelden had Feitse afgemaaid in een poging de zeis te…
Man wil wel tegen wie dan ook om het hardst met de zeis maaien. Zijn tegenstander blijft hem steeds even voor, waarop de uitdager een stuk ijzer in de grond stopt. De ander, de duivel, maait echter door gras en ijzer heen.
Vrouwen menen dat zieke koe dood gaat door betovering, verjagen van eerste persoon die de volgende dag komt, maken van nieuwe ingang van hut, met plaatsen van zeis om heks en duivel buiten te houden.
De verteller van het verhaal is een klein kind op het moment dat deze gebeurtenissen zich afspelen: zijn moeder staat op het punt te bevallen van het broertje van de verteller, wanneer hij in het varkenshok een enorme rat ziet lopen. Eerst vraagt hij…
Van de dertig hectare weiland werd de helft in de zomer gemaaid om hooi van te maken, zodat de koeien de hele winter te eten hadden. In de zomer kwamen er keuterboeren uit Gelderland om zich te verhuren als maaier. Het gras werd nog met de zeis…
Bij de lange sloten waart een spook rond. Dit spook heeft zijn basis op een stuk land aan de oostkant van de Saiter, dat daarom ook wel "Spoeketsiene" wordt genoemd en ooit het eigendom was van de kerk van Oostermeer. Uit angst…
Jan Hepkes is een hele goede maaier. Hij slijpt nooit zijn zeis. Op een keer heeft hij een hele morgen staan maaien terwijl de zak nog over zijn zeis heen zat.
Man merkt dat het donker wordt en hard begint te waaien. De oorzaak is een vlucht spreeuwen. Hij gooit een hamer naar de vogels, kan die niet meer vinden, want er zijn veel veren. Als hij een veer in brand steekt verbrandt de hamer, maar blijft de…
Om de kwade maandagen te vermijden maait men al op de zaterdag voor de maandag een klein stukje. Schippersknechten worden nooit op maandag ingehuiurd, maar op dinsdag.