Boven de Kranewijer vlogen dwaallichtjes door de lucht. Dat waren zieltjes van ongedoopte kinderen. In het midden van de Kranewijer gingen de lichtjes weer naar beneden.
Een vrouw vond 's avonds in haar bed altijd stukjes hout die werden gebruikt om de kachel aan te maken. Omdat de vrouw niet wist hoe dat hout in haar bed belandde, ging ze te rade bij de pastoor, die zei: "Het is een dode die komt spoken. De…
Een man die op de heide woonde, had altijd ongeluk.
Op de 31ste van de maand mocht men 's nachts nooit naar Rillaar gaan, want dan kwamen de heksen bijeen rond de kerk. De heksen kwamen daar niet in levende lijve. Hun ziel was namelijk uit hun…
Een man die zijn ziel aan de duivel had verkocht, ging te rade bij de pastoors om zich te laten bekeren. De pastoors hebben de man overlezen tot ze helemaal bezweet waren.
Een vrouw die omstreeks middernacht samen met haar man terugkwam van de kermis, werden de hele tijd gevolgd door een geraamte met een licht erin. Het echtpaar durfde niet te spreken. Even later brak de doodkeers een tak en vloog weg. Toen de man…
Een man zag in het veld bij Smisberg een vuurman door de lucht vliegen. Naar een vuurman mocht men niet fluiten, want dan zou hij de persoon die hem had uitgedaagd achtervolgen. Toen de man thuiskwam hoorde hij de vuurman nog net tegen de gesloten…
Een man die 's avonds naar huis wandelde, schrok zich haast dood toen hij een zwarte hond in een appelboom zag zitten. De mensen die daar woonden, beweerden dat de hond de duivel was die de ziel van een overledene kwam halen.
Stallichten waren de zielen van ongedoopte kinderen die kwamen vragen om iets te doen. Wanneer men naar een stallicht durfde te wijzen, kwam het op de top van je vinger zitten.
Een boer die zijn oogst moest binnenhalen, had snel een schuur nodig. Daarom verkocht hij zijn ziel aan de duivel, die hem beloofde dat hij op één nacht een schuur zou bouwen. Vóór het eerste hanengekraai moest de schuur klaar zijn. Toen de haan 's…
In een café waar men zat te kaarten, kwam de duivel binnen met een zwarte mantel en een hoge hoed. Opeens sprak de duivel: "Wie binnen drie minuten niet zegt: 'God zegen je', zal de schuld dragen wanneer ik zometeen dat kind in die kinderwagen zal…
Een oude man uit Horpmaal zag 's avonds een dwaallichtje. Hij volgde het dwaallichtje tot aan het water en zei toen: "In godsnaam, wat wil je?", waarop het lichtje antwoordde: "Ik wil gedoopt worden. Je hand is bij het water; je hoeft alleen maar…
Een man die altijd werd tegengehouden door een weerwolf, slaagde er op een dag in de weerwolf te doen bloeden. Het volgende ogenblik stond zijn beste vriend voor hem, die begon te huilen en zei: "Waarom heb je me nu toch doen bloeden? Nu moet ik…
Als er vroeger iets vreemds was gebeurd, dan maakte men daar een liedje van. Bijvoorbeeld:
"Daar is weer nen wondren toer
Gebeurd bij enen boer.
Het zal er weer gaan roeëken
Zust als in den ouden tijd
Van giësten en van spoeëken,
Als gij niet…
Een visser die zijn ziel aan de duivel had verkocht, lag 's nachts in zijn kajuit te slapen terwijl een matroos bij de deur de wacht hield. Om tien vóór twaalf, kwam er een bootje aangevaren. "We zijn hier", sprak de figuur die in de boot zat. Toen…
Een heks kon uit haar lichaam treden terwijl ze in bed lag. Zo kon de ziel van de heks de gedaante van een fluitende vogel aannemen. Een vrouw werd samen met haar echtgenoot door haar schoonmoeder geplaagd. Die vrouw veranderde zich in een vogel,…
Een man had tijdens zijn leven de grenspaal van zijn akker verplaatst om zijn land te vergroten. Na zijn dood kwam de man spoken met een grenspaal in zijn handen, terwijl hij riep: "Waar moet ik hem leggen?" Op een nacht antwoordde iemand: "Leg hem…
Nadat Bèr gestorven was, moest hij komen spoken. Toen men het spook vroeg wat het wilde, antwoordde de dode Bèr: "Er moeten twee mensen voor mij op bedevaart gaan naar Scherpenheuvel. Ze hadden dat beloofd, maar ze hebben het nooit gedaan. Zolang…
Een boer die geen schuur had om zijn oogst in op te slaan, liep bedroefd door het veld, waar hij een mooi geklede heer tegenkwam, aan wie hij zijn probleem vertelde. De heer sprak tot de boer: "Je zal binnen één dag een mooie schuur hebben als je mij…
Koob van de schoenmaker moest na zijn dood komen spoken. Omdat Koob altijd een goed mens was geweest, wist niemand wat het spook wilde. Op een dag zagen enkele mensen het spook naar een winkel in de buurt gaan. Koob had in die winkel namelijk een…
Op vochtige zomerdagen verschenen in laaggelegen gebieden soms dwaallichtjes die heen en weer bewogen. Men vertelde dat die lichtjes de zieltjes van ongedoopte kinderen waren.