Stalkaarsen waren lichten die men 's avonds in de stal of op het veld zag, en die de mensen volgden. Sommigen geloofden dat stalkaarsen de zielen waren van mensen die na hun dood waren teruggekomen omdat ze nog iets moesten zeggen. Men mocht niet…
Een zekere Pier beweerde bij hoog en bij laag dat spoken en heksen bestonden. 's Nachts hoorde Pier altijd lawaai op de zolder. Toen het raampje openstond, hoorde hij iets vallen. Ondertussen leek men te roepen: "Hulp, hulp! Dat waren verdwaalde…
Een man uit Munsterbilzen zag een dwaallichtje uit de grond komen, dat daarna langzaam omhoog vloog. Zodra het lichtje de toppen van de dennenbomen had bereikt, ging het uit. Het was de ziel van een ongedoopt kind.
Op Egelsberg tegenover Sint-Jansberg in Maaseik, lag het kasteel van Zilverkruus. In dat kasteel woonde vroeger een baron die zijn ziel aan de duivel had verkocht. Op zekere dag is het kasteel verzonken en is ook de baron in zijn paardenkoets in de…
Een man die wilde dat zijn schuur op tijd af was, had een pact gesloten met de duivel. De man moest zijn ziel afgeven als de duivel erin slaagde een schuur te bouwen vooraleer de haan 's ochtends begon te kraaien. Omdat de man bang was geworden,…
Twee broers uit Geeraardsbergen die altijd een goede verstandhouding hadden gehad, kregen ruzie, waardoor de twee zelfs niet meer langs dezelfde deur wilden binnengaan in de kerk. Op een dag wandelde één van de broers door het bos en zei driemaal:…
In Mielen verschenen 's nachts dwaallichtjes. Omdat men vertelde dat dwaallichtjes de zielen van doden waren, durfde niemand daar in de buurt te komen.
In Izegem woonde een vrouw die haar ziel aan de duivel had verkocht. De vrouw is er haast gek van geworden. Wanneer ze aan haar ijskar stond, riep ze altijd dat ze overal duivels zag. Iemand anders kon ze echter niet zien.
Vroeger moesten de zieltjes die kwaad hadden gedaan, na de dood terugkeren. Als iemand de moed had om het zieltje aan te spreken, dan was het verlost. Nu blijven de zieltjes in het vagevuur om boete te doen.
In een oud huis ging elke avond omstreeks dezelfde tijd het deksel van een zoutkist open en dicht. Omdat de bewoners van het huis bang waren, vroegen ze op een dag: "Als er voor iemand iets moet gedaan worden, laat het ons dan weten. Moeten we…
Vroeger waren er mensen die hun ziel aan de duivel verkochten. Om dat te doen, moest men om middernacht op een kruispunt gaan staan en de duivel roepen. Daarna zou de duivel vragen voor hoelang men zijn ziel wilde verkopen; bijvoorbeeld voor tien of…
Als men zijn ziel wilde verkopen, moest men om middernacht op het kruispunt tussen Zwevegem en Harelbeke gaan staan. De duivel zou daar dan verschijnen.
Mensen wiens lijk tijdens de begrafenis zo zwaar was dat men het haast niet kon dragen, zouden…
De duivel bouwde de Dom van Aken in ruil voor het hart van het eerste levend wezen dat de kerk zou betreden. Daarom liet men een wolf als eerste in de kerk komen.
In Diepenbeek stond een slagboom die altijd vanzelf openging. Op een dag ging een dappere man er naartoe en vroeg: "In de naam van God, zeg mij nu eens wie hier altijd die slagboom opendoet. Zeg eens wat ik moet doen om u te helpen". Daarop…
De moeder van de pas gestorven schrijnwerker uit de Brokkesteeg, schrok zich een ongeluk toen ze haar overleden zoon 's ochtends aan de schaafbank zag zitten. De moeder sprak: "Wat kom jij hier doen?", waarop het spook antwoordde: "Ik had beloofd om…
Framassons hadden hun ziel verkocht aan de duivel, waardoor ze in een mum van tijd rijk konden worden. De framassons waren bij een bond, die iedere week vergaderde. Iedereen moest dan zijn problemen vertellen. Als één van hen stierf, dan werd er over…
Met Allerheiligen moest men altijd bidden voor de zieltjes van de kinderen die in het vagevuur om hulp riepen. Sommige mensen hingen in een kleerkast een gebed om zich te beschermen tegen heksen, duivels en boze krachten.
Een vrouw die vaak zat te bidden, zag op een dag het spook van een onbekend meisje door een gesloten deur binnenkomen. De vrouw geloofde dat ze een zieltje uit het vagevuur had verlost.
Dwaallichtjes waren de zieltjes van kinderen die ongedoopt waren gestorven. Omdat de lichtjes gedoopt wilden worden, trokken ze de mensen in het water.