De juf wil op een Amsterdamse basisschool een goede indruk maken door te zeggen dat ze Ajax-supporter is. Alle kinderen zijn dat ook behalve een jongetje. Er ontspint zich een gesprek dat door de jongen gewonnen wordt.
Bij slecht weer wordt de toren in de schuur gezet; in de kleine kerk kan men de vanuit de ingang de pastoor op het altaar met een bonestaak aanraken; kerk en toren zijn zo laag als een boerderij; de wijzers worden verzet met een bonenstaak.
Van een twee dochters in een gezin wordt gezegd dat ze hoeren zijn. Ze zijn beledigd en spannen een proces aan. Als ze al hoer zijn, zijn ze strafbaar en anders moeten de beledigers bestraft worden. De rechter kan het geslachtdeel laten spreken en…
Als het gesneeuwd heeft, zegt een spotter tegen iemand: het is nu tijd om met de 'nar' te rijden (een soort arreslee). De ander zegt: ik neem er genoegen mee als u belletjes omdoet.
Kleine Maupie van elf jaar maakt een beledigende opmerking over de paus. Zijn moeder wijst hem terecht met de woorden: "Dat mag je nooit meer doen, zo lelijk over die man te praten. De paus is net zo'n keurige man als onze rebbe en moet misschien net…
Een agent te paard tegen een jongetje op de fiets: vraag aan Sinterklaas of hij er een achterlicht op zet. Het jongetje: vraag aan Sinterklaas of hij het geslachtsdeel onder het paard hangt en niet erbovenop zet.
Een Marokkaan zegt de Nederlandse tulp en de Belgische roos in zijn achterwerk te steken. Dan vragen de Nederlander en de Belg wat ze in Marokko hebben. "Een cactus, probeer die maar in je achterwerk te steken."
Een zoontje gebruikt beledigende taal tijdens het spelen met zijn treintje. Hij krijgt straf van zijn moeder. Later gaat hij weer met de trein spelen: de passagiers moeten voor de vertraging maar bij zijn moeder gaan klagen.
Een moslimvrouw wordt in haar gebed gestoord door haar zoon, die steeds vraagt waar een kledingstuk te vinden is. De vrouw klapt steeds snel en wijst. De oudere zoon heeft kritiek op haar manier van binnen. Nu klapt de vrouw ook snel en geeft hem het…
Ome Henk zit in de trein. Als de conducteur hem vraagt waarom hij met zijn schoenen op de bank zit en dat de bank daardoor beschadigt, antwoordt ome Henk beledigd: "U knipt mijn kaartje toch ook kapot?"
Verteller beschimpt regelmatig per telefoon een asociale man. Na verloop van tijd gaat hij ook een tweede asociale man beschimpen. Uiteindelijk doet hij de twee van elkaar geloven dat ze de daders zijn, waarna een gevecht volgt. De beelden zijn op…
De koning heeft een steenpuist op zijn rechterbil. Niemand kan hem genezen. Spin Anansi verklaart dat een leugen meer pijn doet dan een steenpuist op de rechterbil. Hij moet dit bewijzen. 's Nachts graaft hij een kuil onder een tegel op de…
Een agent te paard zegt tegen een jongetje dat een fietsje heeft gekregen van Sinterklaas, dat hij volgend jaar aan Sinterklaas moet vragen om een achterlicht erop te zetten. Het kind zegt tegen de agent dat hij Sinterklaas moet vragen om het…
Jesse spreekt in onbegrijpelijke taal naar zijn vader. De vader zegt dat Jesse naar zijn kamer moet als hij niet zegt wat het is. Vervolgens is Jesse grof tegen zijn vader en is Jesse beteuterd omdat hij gewoon in het Nederlands vertelde wat hij…
Boer geneest niet ondanks inschakelen van artsen en professoren. Op aanraden van arbeiders gaat broer naar duivelbanner, die hem vier keer een fles met medicijn meegeeft. Bij de laatste fles vraagt de broer naar de kosten. Als hij meer geld neerlegt…
Een man zegt in de trein tegen een vrouw met een baby dat haar kind foeilelijk is. De vrouw wordt in haar verdriet getroost door een andere man, die ook nog een lekkere banaan heeft voor wat hij denkt dat een aapje is.
Sneeuwwitje, Klein Duimpje en Quasimodo zijn bijeen en een toverspiegel moet bevestigen dat ze respectievelijk de mooiste, de kleinste en de lelijkste van het land zijn. Quasimodo krijgt echter te horen dat er iemand is die nog lelijker is: hier…
Drie Belgen doen in Spanje aangifte van de vermissing van hun Hollandse vriend. Als bijzonderheid geven zij op dat de man drie eikels heeft. Immers, toen zij met z'n vieren liepen, zei men: daar heb je die Hollander met die drie eikels weer.