Een man moest 's avonds in de sneeuw doodsberichten naar de mensen dragen. Onderweg kwam de man een heer tegen, die zei: "Wel, jij bent nog zo laat op pad", waarop de man antwoordde: "Ja, ik moet nog naar Rommersom". Daarop zei de heer: "Daar moet ik…
Een jongen die in Zedelgem sparappelen verkocht, kwam op een avond de waterduivel tegen, die tussen zijn benen door sprong. De waterduivel was een grote hond met uitzonderlijk grote ogen. Toen de jongen thuiskwam, stonden zijn haren recht omhoog van…
Een vrouw die haar twee kinderen in bed had gelegd, zag twee grote zwarte beesten weglopen nadat ze een kruisteken had gemaakt. De beesten waren geen honden of katten. Een heks had die verschijningen veroorzaakt.
Een vrouw zag op de Lieve-Vrouwweg in Halle een grote hond staan. Die hond was een buurvrouw die daar stond in de gedaante van een dier. Als men zo’n hond een schop gaf, dan voelde de buurvrouw pijn.
In het Vlèruskot in Leffinge werkte een knecht die weerwolf was. Op een dag had een andere boer gevraagd of hij de knecht een tijdje in dienst mocht nemen. De boer van het Vleruskot stond het toe, maar waarschuwde de andere boer er wel voor dat de…
Een man ging van Geneuth naar Kotem omdat hij dacht dat er een huis in brand stond. Toen de man daar aankwam, bleek er nergens brand te zijn. In het 'Stiegelweggetje' kwam de man de Wandelende Jood tegen. Dat was een uitzonderlijk grote man die…
Een jongen die met zijn vriendin ging wandelen, sprak onderweg tot het meisje: "Ik moet even een boodschap doen achter de haag. Mocht er ondertussen een grote hond op je af komen, gooi dan mijn zakdoek naar zijn muil". Het meisje deed wat haar was…
Een man die zijn vriendin was gaan opzoeken, kwam op de terugweg in het bos een hond tegen, die zeker 1,30 m groot was. De hond stootte de hele tijd tegen de broek van de man. Omdat de man bang was, koos hij een andere weg dan normaal. Toen de man…
Bij een beek die in de vaart van Knesselare uitmondde, stond een huis waarvan de bewoners altijd ongeluk hadden. In de buurt van dat huis vertoefde altijd een grote zwarte hond die 's nachts tegen de ramen en deuren sprong.
Een man die aardappelen aan het rapen was, ergerde zich aan een grote hond die hem de hele tijd voor de voeten liep. Toen de man met zijn drietand wilde slaan naar het dier, stond er plots een vrouw uit de buurt vóór hem.
Een man die 's avonds wilgentakken ging halen, merkte tot zijn grote schrik dat hij werd achtervolgd door een grote zwarte hond met groene ogen van wel vijftien centimeter diameter. Toen de man bij het kapelletje was, zag hij een bliksemschicht in de…
In Humbeek woonde een grote sterke man, die te bang was om 's avonds alleen buiten te komen. Die man werd vaak het slachtoffer van grapjassen, die hem met een ketting achtervolgden wanneer hij terugkwam van de herberg. Wanneer de man het gerinkel van…
Een voerman die met zijn kar naar huis kwam, zag onderweg een geit staan. De voerman bond de geit aan zijn kar en reed voort. De geit werd echter steeds groter en groter, waardoor de voerman zo bang werd dat hij zonder kar naar huis rende.
Een man zag in het broek een lichtje vliegen, dat zo groot was als een kalf. De honden waren zo bang dat ze de hele tijd tussen de benen van de man door liepen.
Lange Jeanne kon verschijnen in allerlei gedaanten en ze kon zichzelf zo groot maken als ze maar wilde. Op een boerderij waar een heel grote schuur stond, leunde Lange Jeanne met haar ellebogen op de balken en keek naar beneden.
Twee mannen gingen tijdens de winter op een zondagochtend de kerkklokken luiden. Opeens zag het tweetal een grote hond verschijnen, die hen volgde en hen kwaad deed. De haag van het kerkhof ging open en de hond verdween. Nadat de hond verdwenen…