In het Appelarenbos in Hoepertingen stond een dikke eik die 'de Méas-eik' werd genoemd. Omdat de boom was genoemd naar Mars, een god die veel kwaad heeft aangericht, durfden de mensen aanvankelijk niet in het Appelarenbos te komen. Omstreeks 1900…
Een vrouw die door de maar werd bereden, was bang en schreeuwde de hele tijd. Zodra iemand de naam van de vrouw riep, was ze verlost. Een koewachter die door de maar werd bereden, begon te schuimbekken zodra hij in bed kroop.
Mensen die door de maar werden bereden, kon men verlossen door hun naam te roepen.
Wanneer een koe door de maar werd bereden, goot men soms water over het dier. Daarna kon men een vrouw op de koe zien zitten.
Een man begon 's nachts in zijn slaap luid te schreeuwen, zodat zijn echtgenote hem moest wakker maken. Zodra de vrouw de naam van de man had genoemd, stopte de man met schreeuwen. Nadat de man zijn klompen met de hielen onder zijn bed had gezet,…
Omstreeks de zeventiende eeuw onstond er in Spouwen door de droogte een scheur in de grond, die het dorp in twee ongelijke delen verdeelde. Vandaar de namen Groot-Spouwen en Klein-Spouwen.
De Klokkemstraat in Sint-Truiden heette vroeger 'Kloppemstraat'. Toen de toren van de Onze-Lieve-Vrouwekerk was omgevallen, rolden de klokken echter tot in de Kloppemstraat, die vanaf dat ogenblik 'Klokkemstraat' werd genoemd.
Vroeger werd het dorp Ketsingen 'loze bodem' of 'gulden bodem' genoemd. Vreemde troepen hebben het dorp overvallen. Hun generaal werd in het dorp vermoord. Toen de troepen later terugkwamen, waren de dorpsbewoners bang dat men de moord op de…
Twee jongemannen uit Waltwilder waren verliefd op hetzelfde meisje. Toen het meisje met een andere man trouwde, kwam het tot een gevecht tussen de drie mannen. Op de plaats waar de mannen elkaar hadden doodgeslagen, werden drie kruisen gezet. …
In Mannekensvere stond een schuur die door de Tempeliers 'de Koude Schuur' werd genoemd, en die deze naam heeft behouden. Later heeft het erg gespookt in die schuur.
Wie door de maar werd bereden, kon niet bewegen en niet spreken. Als men de naam kon noemen van de persoon die men ervan verdacht de maar te hebben gestuurd, was men verlost.
In Hoepertingen stond een dikke boom die aan de god Mars was gewijd. De boom werd dan ook de 'Méas-eik' genoemd. Men geloofde dat de geesten van de god Mars plechtigheden hielden rond die boom.
Op een brug in Hoboken stond een kind dat zijn boterham in het water liet vallen. Daarop riep het kind: "Ho, booke!", om zijn boterham tegen te houden. Door dat voorval heeft de stad Hoboken zijn naam gekregen.
Een vrouw die op bedevaart was bij het kapelletje van Alveringem, zag in het gras een kakelende hen, die haar de weg versperde. Pas toen de vrouw met gesloten vuisten begon te bidden, kon ze weg. In de straten lagen overal haringen en er stond een…
Een voorbijganger vroeg aan iemand: "Hoe heet het dorp waar ik nu ben?", waarop de man antwoordde: "Roy, meneer" (dialect voor "Raad eens, meneer"). Zo is de naam Roy ontstaan.
Op de grens tussen Jabbeke, Snellegem en Zerkegem waren drie cafés met de namen: 'Den Osse', 'Den Ezel' en ''t Schipleed'. Op de plaats waar dat laatste café stond, zou ooit een schip zijn vergaan.
In Brugge woonde een kaartlegster die haar kunsten in Parijs had geleerd. Een vrouw die de waarzegster ging opzoeken, moest een kaart trekken en kreeg dan te horen dat haar man overspel pleegde. Vervolgens moest de vrouw nog vijf kaarten trekken. Zo…