Om geen achterdocht te wekken, moesten de bokkenrijders op tijd en stond gaan biechten en te communie gaan. Bij de eedaflegging moesten de bokkenrijders driemaal op hun knieën rond de kapel kruipen. Op een dag vroeg de bendeleider aan een oud…
De bokkenrijders uit Valkenburg vlogen 's nachts op een bok door de lucht om de mensen te gaan bestelen. Later ontdekte men dat één van die rovers een dokter was;
Bij een inbraak probeerden zes bokkenrijders een deur in te beuken met een boomstam. Twee mannen die de rovers hadden bespied, namen elk een geweer in de hand. Eén van hen zei: "Schiet jij de eerste rover neer, dan zal ik de laatste proberen te…
Een jongen die bij de post van Maaseik werkte, logeerde in het hotel van een man in de Bosstraat. 's Avonds was de jongen op pad met een lege vleeskorf. Onderweg kwam de jongen voorbij de Siemkesheuvel, waar de bokkenrijders aan de galg werden…
De drossaard wandelde met een man van Rotem naar Elen. Toen ze onderweg een mooie hond tegenkwamen, zei de drossaard: "Wat een mooi dier. Weet jij van wie die hond is?" De man antwoordde: "Van X" Daarop keek de drossaard in zijn boekje, waar…
De bokkenrijders vergaderden in een kapel in een veld in Tongerlo. De bokkenrijders waren afkomstig uit Nederland, maar daar waren ze uitgeroeid. Op het kasteel van Stokkem woonde een lid van de bende. De bendeleider werd samen met andere…
De timmerman Mes van de K. was een bokkerijder. Op een dag sprak Mes tot één van de mannen met wie hij samenwerkte: "Je moet maar eens meegaan! Wat heb je het liefst, een grijze of een zwarte?" De mannen bleven 's nachts slapen in de schuur waar ze…
De Hussen waren rovers die in België, Duitsland en Frankrijk vertoefden. De rovers kwamen bijeen bij de Plesbeek. De buit werd verdeeld in een café bij de Volkermolen. De baas van de Hussen stak dan zijn dolk in het midden van de tafel. Zodra het…
De bokkenrijders gingen in Wellen op een bok staan en zeiden dan tweemaal: "Ridder, ridder, koen, over Biesen toren". Vervolgens vlogen de rovers weg over het kasteel.
Tijdens de oorlog was de 'bende van de dameskous' actief. Dat waren een zestal mannen uit de buurt van Eisden en Lanaken. De rovers hadden hun naam verdiend aan hun gewoonte om een panty over hun hoofd te trekken.
Hacco bezat een burcht aan de over van de Maas in Haccourt. Alle schepen die daar voorbijkwamen, moesten tol betalen. Anders liet Hacco de schepen in beslag nemen en de reizigers vermoorden.
De eigenaars van de Vurtense molen hadden twee ossen verkocht. Omdat de knecht dat had rondgebazuind, werd de molenaar op een avond overvallen. De rovers beukten de deur in en riepen: "Geld afgeven!" De vrouw van de molenaar herkende in één van de…
Wanneer de bokkenrijders een vergadering hielden, werd er een groot vuurwerk gemaakt. De leider van de roversbende moest dan op een bok gaan zitten en door het vuur rijden. Vervolgens werd er een feest gehouden, waarbij de drank rijkelijk vloeide. …