Bij een boer werkte een knecht die zichzelf in een weerwolf kon veranderen. Op zaterdag vóór Pasen was het de gewoonte dat men de waterput van binnen schoonmaakte. Toen de knecht beneden in de put zat, gooide men kasseistenen naar zijn hoofd. Omdat…
In de duinen in Bredene spookte het. Er was daar een waterput die de hele tijd riep: "Water en melk!" Een melkverkoopster kwam vroeger altijd water uit die put halen om bij de melk te gieten.
In een huis zag men bij het afvoergat voor het water iedere avond een hen zitten. Omdat die mensen ook altijd ongeluk hadden, kregen ze van iemand de raad om heet vet over de hen te gieten. Toen ze dat hadden gedaan, zagen ze de volgende dag een…
In het water van de Sint-Amandsput legden de mensen soms een hemdje van een zieke om te weten te komen of die persoon al dan niet zou genezen. Als het hemdje bleef drijven, dan zou er voorspoed komen; ging het hemdje onder, dan zou de zieke sterven.
In Roksem was een put die 'de Duivelsput' werd genoemd. Die put was omgeven door boomstronken. Niemand durfde daar voorbij te wandelen omdat men geloofde dat de Duivelsput betoverd was.
Wanneer de broer van Staaf V.J. terugkwam van een bezoek aan zijn vriendin in Viersel, zag hij altijd twee katten bij een put zitten. Op die plaats raakte de man altijd verdwaald. De man had iemand horen zeggen dat zijn vriendin en diens moeder…
In Hazebroek woonde een vrouw voor wie de mensen bang waren. Die vrouw droeg altijd een zwarte doek op haar hoofd. Als men voorbij haar huis ging, moest men haar altijd groeten. Veel schoolkinderen durfden niet voorbij het huis van die vrouw te…
Drie jongemannen uit Lummen gingen vaak naar een boerderij in Laren, waar men drie jonge dochters had. Op een dag waren de meisjes echter niet thuis. Toen de jongens buitenkwamen, zagen ze drie katten rondspringen bij de put, het bakhuis en de…
Op Munnik-hof in Boorsem woonde een baron. De dochter van de baron had een relatie met de zoon van de graaf die op het kasteel van Rekem woonde. Omdat de graaf niet tevreden was over de afkomst van het meisje, sprongen de twee geliefden in de…
Een oude man die bij de spoorweg woonde, moest elke dag met een emmertje water komen halen uit de put. Op een dag was het katje van de man met hem meegegaan. Toen de man terug naar huis wandelde, deed het katje hem echter verdwalen. Daarop sprak…
Bij de Vingerlienkput verdwenen vaak mensen. Ooit is in die put zelfs een koets met een dame en een heer verdwenen. Men had die paarden op geen enkele manier kunnen tegenhouden. De mensen vertelden dat die put geen bodem had. Later heeft men huizen…
Een man uit Beernem wandelde samen met een vriend tot bij de Battewallen van de spoorweg. In die buurt stond een waterput waarin de waterduivel zat. De man maakte een kruisteken om zich tegen de waterduivel te beschermen. Zijn vriend was echter…
Een schaapherder uit Wellen slaagde er maar niet in een waterput dicht te maken. Na twee dagen was het deksel telkens verdwenen. In de put stond een kist waarop een zwarte hond zat. Toen men de kist probeerde boven te halen, sprong de hond weg,…
Enkele jongens die in Vlissingen op trektocht waren, vroegen aan een boer of ze wat drinkwater kregen. De boer haalde water uit de put en liet de jongens drinken uit een kom. De laatste jongen die gedronken had, gooide de kom stuk, waarna de…
Vroeger maakte men de kinderen wijs dat ze niet te dicht bij de waterput mochten komen omdat er een waterduivel in zat, die hen naar beneden zou trekken.
Een pastoor ging met zijn wichelroede rond om te bepalen waar water in de grond zat. Op die plaats maakten de mensen een put. Zoals de pastoor had voorspeld, hadden die mensen daarna nooit een tekort aan water.
Een man ging voor zijn zwak kind op bedevaart naar een plaats ten noorden van Kasteelbrakel. Daar legde men het hemdje van het kind in een waterput. Aan de zijde waar het kindje zwak was, zou het hemdje ondergaan.
De man was samen met twee andere…