Jongens zeiden wel dat ze zo sterk zouden willen zijn als Sterke Haerke. Die zei daarop: "Ja, maar dat is jullie niet toevertrouwd." Zelf heeft Haerke nooit misbruik gemaakt van zijn kracht.
Sterke Hearke was buitengewoon sterk, maar deed zijn werk als knecht op zijn gemak. Piter Ophuis werkte heel snel, en tijdens het mesten vroeg Sterke Haerke hem om het rustiger aan te doen, anders zou Haerke zichzelf nog kapot werken.
Boerenknecht Sterke Hearke is erg op zijn rust gesteld en houdt ervan zijn pijpje te roken. Omdat de andere knecht zo snel met de mestwagen heen en weer rijdt, is er geen gelegenheid om te roken voor Hearke. Hearke laadt nu zoveel mest op de wagen,…
Twee broers schakelen Sterke Hearke - die behalve sterk ook politieagent is - in om een aardappeldief op te sporen. Hearke schaduwt de dief en ontdekt dat de man steelt om zijn gezin te onderhouden. De man heeft als knecht gediend bij de twee broers.…
Een wagenvracht hooi blijft steken tussen de schuurdeuren. De paarden slagen er niet in de wagen los te trekken, maar Sterke Hearke krijgt de wagen moeiteloos op zijn plaats.
Sterke Hearke is erg op zijn rust gesteld. Bij zijn werk als boerenknecht vertraagt hij voor de andere knechten opzettelijk het werk door de mest op een bepaalde manier op de wagen te laden. Terwijl de anderen zwoegen, rust Hearke lekker uit.
Twee stoere mannen besluiten de eerste de beste voorbijganger eens flink te grazen te nemen. Natuurlijk blijkt hun slachtoffer niemand minder dan Sterke Hearke te zijn. Sterke Hearke geeft zijn belagers geen kans en slaat ze met hun hoofden tegen…
Sterke Hearke wordt belaagd door twee mannen die het op zijn geld voorzien hebben. Hearke zet het buideltje met geld op de grond en zegt dat de mannen het geld op mogen rapen. Als een man zich bukt om zich de buit toe te eigenen, geeft Hearke hem er…
Sterke Hearke is met een flinke hoeveelheid geld op weg naar Ljouwert, als hij ineens een omgekeerd bootje in de wei ziet liggen. Hearke vertrouwt het zaakje niet en gaat onder het bootje liggen. Al gauw gaan er twee mannen op het bootje zitten. Uit…
In een lekkende afsluiter van een schip wordt een kunstgebit aangetroffen. Eén van de opvarenden zegt dat het zijn gebit is, stopt het in zijn mond, en het past.
Een kastelein heeft problemen met luidruchtige jongelui. Gelukkig is Sterke Hearke in de buurt en die gaat op een stoel zitten tussen het jongvolk. Hearke haalt zomaar twee sporten uit de stoel alsof het niets is. Hij dreigt hetzelfde met de stoelen…
Twee vrouwen wilden Sterke Hearke wel eens in levende lijve zien. Toen zagen ze hem, terwijl hij aan het ploegen was. De verteller veronderstelt dat de rest van het verhaal bekend is.
Sterke Ynse hielp een aantal mannen een hele grote, zware boomstam op een wagen te tillen. Maar toen de mannen daarna wat gingen drinken, hadden ze niet het fatsoen om Ynse daar ook voor uit te nodigen. Dat maakte Ynse zo boos dat hij de boomstam…
Sterke Ynse zette wel eens voor de grap stiekem het aambeeld van de smid achterin de tuin. Maar hij moest het zelf altijd weer terugzetten, omdat hij de enige was die dat kon.