Een dominee preekte zo goed, dat alle vrouwen zaten te snikken. Toen hij 'amen' had gezegd, zei hij: "Jullie kunnen het geloven, maar ik geloof het niet." En hij werd koekoopman.
Drie Duitsers komen naar Friesland om de taal te leren. De eerste onthoudt de woorden “drie poepen”, de tweede “om koe” en de derde “dat is recht”. Als ze bij een lijk blijven staan vraagt een agent wie dat heeft gedaan en waarom. De eerste zegt …
Vrijdag, dertiende kapittel. Als bij een vrouw de keel jeukt, dan is dat goed bericht, maar jeukt haar hoofd, dan is het slecht bericht. Als bij een man de keel jeukt en hij heeft zijn vrouw geslagen, dan is dat een teken van hangen. Heeft hij jeuk…
Woensdag, tiende kapittel. Als wolven hun aas komen halen in steden of dorpen dan is er hongersnood op komst. Herten en eenden die bij een stad komen grazen, wijzen op een goed jaar.
Dinsdag, elfde kapittel. Het vlas dat op zaterdag is blijven hangen aan de spinrokken en dat op maandag wordt gesponnen, zal nooit goed zijn en ook niet bleken.
Dinsdag, achtste kapittel. Als je rechteroor ruist, is dat een slecht voorteken en als je linkeroor ruist, is dat een goed voorteken. Als je neus jeukt dan moet je rode wijn drinken of aan iets sterks ruiken.
Dinsdag, zevende kapittel. Als er voor de noen een ekster op het dak zit en je ziet hem van voren, dan is er goed nieuws onderweg. Als de ekster na de noen schettert en je ziet hem van achteren, dan is dat een slecht voorteken. Mussen die op het huis…
Een bakker en een molenaar hebben onenigheid over wie van de twee de beste is. Ze roepen de hulp in van twee andere mannen om tot een antwoord te komen. De bakker verliest en moet de kosten betalen in koekjes.
Een knecht eet mosselen met zijn meester en kiest steeds de lichtste (slechtste) mossel, omdat hij het niet gepast vindt om de beste (gele) mossel te kiezen als hij met zijn meester aan tafel zit.
Een priester preekt dat uit kwaad nooit iets goeds kan voortkomen. Een vrouw roept dat dat niet waar is, want uit de 'kwade' broek van haar man heeft zij een heleboel goeds gekregen.
Onderwijzeres omschrijft in een raadsel twee maal een dier, maar bedoelt wat anders. De omschrijving van een jongen die een raadsel aan haar opgeeft doet haar blozen, maar ook de jongen bedoelt ook iets anders.
Een pastoor heeft contact met de andere wereld, maar doet er heel geheimzinnig over. De parochianen geloven hem min of meer. Een voetballer vraagt op een zondag of je in de hemel ook kan voetballen. De pastoor neemt contact op met de hemel en als de…
Een vrouw had niet in haar graf mee gekregen waar ze recht op had. Daardoor kon ze geen rust vinden, en bleef ze maar spoken bij haar familie. Tot een dominee haar aansprak en erachter kwam wat het probleem was. Haar familie legde het goed op een…
Dokter zegt: "Ik heb goed en slecht nieuws. Eerst maar het slechte: U heeft aids." "Nou, ik kan me niet voorstellen, wat het goede nieuws kan zijn." "U heeft ook de ziekte van Alzheimer, dus morgen bent u het vergeten."
Een licht ontvlambare vader dreigt een aardappelboer dood te maken omdat de man hem bedonderd heeft met aardappelen van zeer slechte kwaliteit. De woedende man roept de duivel op hem bij te staan. Een helmdrager uit de buurt ziet dat de vader in de…
Een boer had twee paarden, een bruine en een zwarte. Het zwarte paard werd ziek, en de knecht moest met wat uit de manen van het zieke dier naar Hinse Jehannes de Boer, een veearts en duivelbanner. De knecht besloot ook wat van het gezonde dier mee…
Een dode kwam 's avonds vaak aan de ruiten tikken, omdat zijn familieleden hem niet de spullen mee het graf in gegeven hadden, waar hij recht op had. Ze hebben de dominee erbij gehaald, en die raadde aan om het goed op een avond naast het huis te…
Een man ging naar een duivelbanner, omdat zijn neefje ziek was. Hij kreeg een goedje mee, wat niemand anders mocht zien, en wat hij op de kleding van het kind moest doen. Dit deed de man. Ook maakte hij het kussen van het kind open. Daarin vond hij…
Tijl Uilenspiegel huilde als het mooi weer was, want dan zou het vast minder worden. Hij lachte als het slecht weer was, want dan kon het alleen maar beter worden.