Een man had de gewoonte om tot middernacht te weven bij het licht van een olielamp. Op zeker ogenblik doofde het licht altijd, hoewel er nog voldoende olie in de lamp was. Onder het dak van het huis vond men een geldbeugel. Toen men het geld had…
In Gruitrode had een gezin een dochtertje dat behekst was. 's Avonds lag het meisje in haar bed te schreeuwen: "Die lelijke vrouw slaat mij! Die lelijke vrouw slaat mij!" De ouders konden echter niemand zien. Ten einde raad ging de moeder met haar…
Een vrouw die zag dat er een kikker was binnengekomen, gooide het dier in de kachel. Het volgende ogenblik ging het vuur in de kachel uit. Toen de vrouw de volgende ochtend naar het dorp vertrok, kwam ze haar buurvrouw tegen, die zei: "Ik heb…
Een man die langs de grote weg terugkwam van Desselgem, zag een verlichte koets met een wit paard en een witte madam aankomen. De man ging langs de kant van de weg staan en zag uit de andere richting een zwart paard met een zwarte ruiter komen. De…
In een café in Dikkebus was brand uitgebroken. De cafébaas kroop op het dak en probeerde het vuur met water te blussen. Toen de pastoor bij de plaats van onheil kwam, sprak hij tot de cafébaas, die nooit naar de kerk ging: "Kom maar van dat dak af!…
Peer ging 's avonds met zijn hond op pad om te gaan vissen. Onderweg kwam Peer een vrouw tegen, die wilde weten waar hij naartoe ging. De vrouw had gezegd: "Je zal vandaag geen vis vangen!" Die nacht raakte Peer verdwaald. In de verte zag hij een…
Op de Achterhoek stond een schuur in brand. Omdat het dak van het huis ook vuur dreigde te vatten, liet men de onderpastoor van Kortemark komen. Die geestelijke deed de wind draaien, zodat de vlammen doofden.
Tijdens de oorlog werd op een boerderij een pastoor vermoord, die de mis aan het doen was. De geest van de pastoor is op die plaats blijven ronddolen in de gedaante van een lichtje dat niet gedoofd kon worden.
Toen in Bulskamp een huis in brand stond, liet men een geestelijke komen. De pastoor zag dat men de balken aan het afzagen was en zei: "Jullie hoeven dat niet te doen, want de vlammen zullen doven". Zo was het ook.
Toen er ergens brand woedde, ging men de kapelaan halen. De geestelijke gaf de mensen de raad om een bussel stro in het zolderraam te steken. Toen dat was gebeurd, doofde het vuur.
Een man die nergens bang voor was, ging samen met zijn knecht met drie paarden hout naar Kortrijk brengen. Toen de paarden in de bossen plots begonnen te stampen, zag de man een lichtje tussen de bomen. De man en zijn knecht zagen hoe drie kerels…
Vroeger gebeurde het soms dat het vuur in de open haard door een plotse windvlaag doofde. De mensen zeiden dan: "Er is nieuws onderweg". Wanneer hun oren floten, zeiden ze: "Nu is men weer ergens aan het praten".
Op de hoek van de Kruiskassei stond een huis in brand. De pastoor sprak tot de mensen: "Ga maar naar huis. Jullie kunnen misschien nog het één en ander redden, maar de brand zal zich niet verder uitbreiden". Nadat de pastoor enkele kruistekens had…
Een man die naar zijn stal ging, zag in de muur een gat waarin een klein kaarsje stond. De man probeerde het kaarsje uit te blazen, maar dat lukte niet. De man sloeg met een stuk hout op het kaarsje, maar het bleef branden. Het lichtje was alleen te…
Bij de abdij in Roesbrugge was een onderaardse gang die niemand durfde te betreden. Wanneer men een brandende lantaarn in die gang naar beneden liet, doofde het vlammetje.
Naam van vroegere boerderij zou afgeleid zijn van verhaal rond een put. Na het graven van een put komt er geen water. Nadat een man is afgedaald in de put ontstaat een zwavelvlam en komt er water dat de vlam uitdooft.
Kaartspelers laten schoppenvrouw fles drank halen. Na kloppen op de deur weigert waard de fles aan te pakken, waarop de olielamp uitgaat. Na aanpakken van de fles begint de lamp weer te branden.